ZONDAG 17 september 2021

Gelezen: Genesis 12: 1-7 en Johannes 8:30-39

GEMEENTE VAN CHRISTUS IN IT KENINGSFJILD

BESTE KIJKER,

De reis van Abram en zijn vrouw wordt wandelen genoemd. We zien hem en de zijnen wandelen vanuit Irak, via Syrie naar Sichem, Salem, Hebron en ‘BEER-SHEVA = de zeven bronnen in de Negev-woestijn. Abram hoort de stem van binnen: Ga voor jezelf wandelen, laat los de politieke ruzies van je land, voor je persoonlijke groei, laat je de neuroses van afkomst los, laat los de gewoonten van je stam (vaderhuis), je mag een nieuwe landje bewonen. Wat is het doel van het wandelen? Zegen ervaren, geen vloek. Zegen en zegen zelfs voor alle familie’s der aarde want kennelijk in ieder van ons is een verlangen om mee te doen, er te mogen zijn. Abram en zijn vrouw Jiska, later heet ze Sarai; dan is er hoop voor en zegen voor u en mij.

En steeds bouwt Abram eigenhandig van ruwe stenen een soort kerkje en net als de bouwer van deze kerk, collega Foppe de Jong ooit deed alhier: Sichem, Betel, Zevenbron. Hij de NAAM aan, die de belofte van zegen deed.

Ik herken me wel in dat wandelende leven van Abram, die tafels en kerkjes bouwt. Zo wandelde ik langs de altaren van Vreeland, Brielle, Rotterdam-Overschie, Middelharnis, Maasdam en ook hier  Ureterp/Bakkeveen en vanaf 1 november de zevende plaats Stiens. En inderdaad, in de navolging van Abram en Sarai met het doel van de zegen, niet vloek. Waar ik de NAAM met medemensen mocht aanroepen om zegen.

Wat is zegen en vloek? Mozes legt het uit. Vloeken komt voort uit kleineren, zegen komt voort uit groots of hoogachten, van belang zijn, van betekenis zijn, zin hebben in de dag als je opstaat. Het woord voor Zegen (barach) is verwant aan het woord voor waterbron (bericha): de bron van fris, helder zoet water: drinkbaar water, zodat de plantjes, de bomen, de mensen, de akkers opbloeien. Kleineren echter maakt slaafs en bang; onze talenten, gaven en bijdragen verschrompelen, sacherijn en jaloezie, ruzies en vetes gaan woekeren als brandnetels (qotzim = spijkerharde distel). Dat is vloek.

Daarom mijn gebed aan u: Heb ik iemand gekleineerd, vergeef me! Gooi die distel in het vuur! Laat het me weten, hoef ik het niet te herhalen in Stiens!

Was er zegen voor Abram en Sarai: Ja. Twee hoofdstukken verder komt ene ‘dominee’ Malki-Tzedeq met brood en wijn Abram tegemoet. Abram heeft met de wapens in de handen een tyran op de vlucht gejaagd; zijn neef Lot gered. Hongerig en dorstig keren ze terug naar de tenten in Beer-Sheva, de zevenbron. De koning van Sodom vraagt: Wil je goud, zilver, tapijten? Wil je mooie slavinnen? Wil je een triomfboog, zoals de Romeinen bouwen voor hun generaals? Wil je mooi standbeeld, begin van een praalgraf? Met een heldengedicht: Abram de briljante generaal? Niets van dat alles; wat wil Abram ontvangen: brood en wijn, teken van de zegen.

Voor mij – en soms zeker ook voor ons in de afgelopen jaren – waren er bijzondere momenten van zegen. Het paasfeest op witte donderdag, met de platte broden, met wijn en met charosjet (van Jeltje Heida). Zelfs heb ik geprobeerd de zegen te zingen, en anders wel uit te  spreken! Leerlingen kinderen van Abram mochten we zo hier zijn. We zeggen het Malki-zedeq na:

Gezegend zijn we. En Gezegend de NAAM, de eigenaar van de schepping

Een tweede moment dat ik wil aanhalen, heeft te maken met dit kunstwerk: de vallende man. Van Fie Werkman. Met Hanneke van der Geer de toenmalige scriba ben ik naar de stampvolle van der Aa kerk in Groningen tussen kunstbobo’s gegaan, naar prof van Os. Hij hield een uitgebreide verhandeling over dit kunstwerk. Het kunstwerk verwijst naar haar vader, Hendrik Werkman, die hier in de Mandeveld vlak voor de bevrijding in 1945 is vermoord. In Bakkeveen ligt hij ook begraven. Hendrik Werkman werkte samen met ds August Henkels, zelf zoon van Duitse ouders, enthousiaste aanhangers Adolf H. Deze zoon, later dominee, had door de verhalen van Martin Buber, over de chassidische vertellingen die weer vernieuwen de Bijbelse verhalen de neuroses van afkomst verlaten; net als Abram en zijn vrouw Jiska (Sarai); Henkels inspireerde Werkman tot de druksels, die nu hier weer hangen in de kerk. De kunstwerken gaven mensen hoop in welke moeilijkste omstandigheden ook. Dit kunstwerk – de vallende man – verwijst voor mij daarom naar de Bijbelse verhalen: de poging ze zo te vertellen dat u zegen, en anders hoop op zegen voelt!

Het hangt hier zeer toepasselijk, want: Hoe wij spreken en ontmoeten is een vraag van zegen of vloek. Het is heel erg jammer als het (s)preken niet zo lukt. Dan vernam ik later: Jak, ik was de draad kwijt…Maar ook wat inspirerend als we achteraf zeggen: de ontmoeting was een bron van zegen! De agape maaltijd, het pastorale gesprek of de kerkdienst was zinvol. Of met een paar mensen in de kerk in de Corona-tijd een lied en een overdenking ter bemoediging laten horen.

Wat mij betreft: Laten we volop vertellen: zegen is mogelijk! Wij zegenen elkaar om onze inspanning en wij zegenen onze schepper.

En wat ik ook prachtig vond: een actueel thema als het klimaat gaan we niet uit de weg. Zie eens de bloemen, de struiken en planten en bomen rond de kerk, Miente met de zonnepanelen.

Jaap Spoelstra biedt aan om voor It Keningsfjild een kerkwoud te planten! Wat hoopvol.

(4).  Dat brengt me bij een even persoonlijke als essentieel vraag: Kan je dankbaar zijn, wetend van grote vragen in onze wereld, of van pijnlijke tegenslagen dichtbij? Boosheid om onrecht? Abraham belijdt op het slot van zijn leven: ik ben gezegend in alles! Maar er waren vele beproevingen? Hoe kan dat? Dankzeggen voor moeilijke dingen?

Van Abraham en Sara worden wel 10 pijnlijke beproevingen verteld. Sara was 2 maal in de harem van een machtige koning beland. Hongersnood, een oorlog, ruzie met neef Lot, de klimaatramp van Sodom, etc. Toch belijdt Abraham zelf: ik ben gezegend in alles!  Rara hoe kan dat?

Moeilijkheden en verdriet, zonden of misstanden kun je verwijten aan het noodlot of aan de omstandigheden, aan het grootkapitaal, aan je ouders, of aan je land met een Trump of een Rutte.  Aan de media, aan grote tech-bedrijven. Of aan dede joden, aan Israel. Aan hullie van… (Grap van leraar Cohen over de godsdienstles op school. Leraar vertelt over Jericho. Vraagt de week erna: wie heeft de muur van Jericho verwoest? Jan, wat denk jij! Ik niet meneer: sorry. De Ouders van Jan worden boos: onze Jan zal nooit muur van Jericho verwoesten! Voorzitter van CvK roept leraar Cohen naar kantoor. Hier heb je 1000 euro en hou op met zeuren over die kapotte muur!

In het evangelie van Johannes kan je lezen van die schrille en onaangename gesprekken. Het doet me soms pijn aan de oren. Een vrouw in het midden zonder naam of gezicht: zullen we haar stenigen of niet. Hallo zeg, wat bot!

In hoofdstuk 8 is een fel debat over de waarheid. Over de vraag wie nu een volgeling van Abraham is. Jezus meent: de waarheid zal je vrij maken… Later zal Jezus verkondigen: IK BEN DE WAARHEID; weer later WERD DAT in kerken: dus wij hebben de waarheid – en jullie niet. Ene Dolf Jansen zei onlangs: hou eens op met godsdienstige waarheden op school de kinderen opleggen! Laat kinderen vrij! Een gemeenschap kan een systeem worden in naam van God.

Toch staan die nare debatten in de Bijbel: Hoe ben je een kind van Abraham? Wanneer belijd je: ik ben gezegend in alles? Wat is daarvoor nodig? Het is volbracht = gezegend in alles? Soms is het leven een puinhoop, soms doet het zo pijn?

Abram en Sara en Jezus: wie is kind van Abram? Vanmorgen een simpel antwoord. Luister naar de stem van God: ga wandelen voor jezelf, zet een stapje, luister en wees stil. Wandel in de hoop op zegen. Er is een punt in je hart dat je leven voelt, een gevoel van vrij zijn…Moeilijkheden verdwijnen dan niet, maar worden anders in het wandelen, in het samen wandelen. Ik mocht met u wandelen, daarom gezegend , ja in alles! Daarom voel ik een diepe stille bijna onzegbare Dankbaarheid.

Ik dank u daarvoor. AMEN.

ZONDAG 5 september 2021

Gelezen: Deuteronomium 30:11-20 en Mattheus 6: 5-15

Gemeente van onze Heer,

Beste kijker,

Velen van U kennen het gebed van het Onze Vader, dat vervolgt met “Die in de hemelen zijt”. En daarin weer de bede van Matt 6:10:” Uw wil moge gebeuren, zoals in de hemelen zo ook op aarde.
Het woord voor hemelen staat in het meervoud. Oplettende luisteraars, horen mij dat altijd ook in het meervoud zeggen. Want in de talen van de Bijbel staat dit woord in het meervoud (Hebr., Aramees en Grieks). Dit meervoud klinkt al op de eerste bladzijde van de Bijbel: In den beginne schiep God de hemelen en de aarde…, En op de zesde dag : God voltooide het maken van de aarde en de hemelen (NB andere volgorde, aarde en hemelen…)
Het woord hemelen is verwant aan het woord voor wateren : SJA-MAIM= hemelen en MAJEM = wateren.
Dat woord voor water – majem – is in de Nederlandse taal gekomen via het jiddish van Amsterdamse joden : majem.
Waarom staat het woord voor hemelen in een meervoud: hemelen? (Evenals wateren)

Er zijn vele soorten wateren. Zoet en zout; rivier en meer; oceaan, dauw en bevroren en de lucht en de wolken. U kent wellicht de geest van God zweefde als een adelaar over de wateren.
En God maakte onderscheid tussen de wateren boven en de wateren beneden.  En hier op aarde zijn er wateren en het droge.

EVEN TERZIJDE. Onlangs werd mevr Ewine van Dishoeck – (een professor in de astro-fysica te Leiden) adviseur van de RKKerk. Zij heeft 35 jaar naar het heelal gekeken met de vraag waar komt water vandaan? (spreker neme het glaasje water bij de lezenaar) : Onze wateren komen van boven, uit het heelal. Hoe? Miniscuul stofje zweeft door het heelal. Ontmoet een waterstof atoom; (H2) ontmoet zuursof atoom(O) ; een molecuul water is ontstaan. Een minidruppel. Het water in dit glas heeft een oeroude en verre reis van achter zich!

Dat broeden en zweven van stofjes, met waterstof en zuurstof atomen gebeurt heel vaak: wateren uit heelal zweven naar aarde: Nog altijd! Als het regent, mede een gevolg van heelal! Dit glaasje water is de uitkomst van miljarden jaren reizende atomen , water moleculen…

Verwonder u, bij het doopfont, met mensen rondom het doopfont! Bedenk en geloof dit wonder van de wateren. Om de lange weg tot op heden. En ook om de TOEKOMST.  We weten nu dat er vele wateren zijn; Er zijn vele hemelen. Dus zijn er volgens de Bijbel, volgens ons geloof  vele soorten toekomst,. In het bijzonder bij het doopfont belijden we: er zijn vele mogelijkheden in de toekomst!

Dopen met wateren, je leven is uit duizenden ontelbare wonderen opgebouwd… Terugkijkend. Maar ook vooruitkijkend: de toekomst. De toekomst is meervoudig, hemelen, wateren. Er zijn heel veel toekomsten!

Hoe is de toekomst? De toekomst is net zo wonderlijk.

Er is heel veel soorten toekomst. 1. Voor Mij en voor u persoonlijk. Zolang we leven, zien we naar de dag van morgen. Daarom de bede : geef ons heden ons brood voor de dag van morgen. en wellicht verder…  Zijn we jong, dan is er heel veel toekomst. Zijn we ouder, dan zien we wellicht anders uit naar onze of mijn toekomst. Soms staan we even stil bij onze persoonlijke toekomst na dit ons persoonlijke leven. Teruggekeerd naar de bron van leven bij God. Wer mogen elkaar daarin bemoedigen: vrees niet, geloof en vertrouw, in Christus Naam!

Ik zelf denk ook aan mijn 3 kinderen en 4 kleinkinderen. Zondag 13 februari 1983. Dat kleine baby-meisje werd geboren in mijn tweedehands preekpak op zondagmorgen, tijdens de preek die ik had moeten houden in Heerjansdam. Maar ik stond als verloskundige bij het kraambed. Duizelingwekkend moment, vol van heden en toekomst … Dat babymeisje is nu moeder van 4 kinderen die haar gezin door de Corona-tijd heen leidt! Hoe is dat mogelijk? Aldus:

Per dag van vandaag en dag van morgen. Ontvangen we de dag van vandaag voor morgen. Iedere dag met mijn gedrag en gewoonten schep ik – of maak ik mede – mijn eigen toekomst. . Toekomst is product van kleine stapjes in gedachten, gebeden, woorden en daden.. ik stuur zelf . Tegelijk zijn vele krachten waarmee ik te maken heb. Familie, mensen, land aarde. Zij zijn ook bezig. Bovenal zijn al die dagen oefeningen in Godsvertrouwen.

Wat is de rol van De kerkgemeenschap hier? Is er toekomst? Hoe dan? De kerkgemeenschap wordt beproefd.  Een ongelooflijke test van onze geest tussen geloof in de toekomst maar voor sommigen ook een twijfel: hoe moet dat? Hoe zal dat gaan? Bidden we mee met het boekje van de kerk ; Van U is de toekomst…

We bidden uit gewoonte: Onze Vader die in de hemelen zijt:

En in het bijzonder bidden we de bede : Uw wil moge gebeuren, gelijk in de hemelen,  –  met allerlei verborgen mogelijkheden  – zo ook op aarde, als wij geloven dat onze gedachten, woorden en onze daden bouwen en mede maken  de toekomst in ons leven – persoonlijk, en ook deze gemeenschap. Dat is kennelijk Gods wil: Uw wil moge ook hier en nu bij ons op deze plaats met elkaar gebeuren. Rustig iedere bijdrage van u allen inzamelen;

(spreker noeme een concrete dag : Op 21 september een gemeenteavond. Vertel het door en vraag om bezinning  gebed en om woorden. Spreek elkaar aan!

Zo kome een mogelijkheid uit de hemel – de toekomst – op aarde, in ons leven. Ik zelf de mensen en de tijd van nu, en op verborgen wijze God.

Al die stapjes tezamen, kunnen ons doen zingen: Van U is de toekomst. De schepper schenkt ons een glas water, langs onvoorstelbaar veel wonderlijke wegen.., dan zal ook de toekomst goed komen.

GROTE ZORGEN: Ons leven blijkt geen rechte lijn te zijn. We gaan omhoog en vooruit; bouwen aan een kerk, aan een gemeenschap; en 30 of 50 jaar later kan de gemeenschap bijkans verdwenen zijn; sommige kerkgebouwen waaraan nog enthousiast is gebouwd, kunnen geheel zijn verdwenen!.

Dat geldt ook voor een bedrijf, voor een paleis, een huis, een kasteel, een wereldrijk. En sommige waarschuwen ons: toekomst van deze aarde is onzeker. Mensen, deze aarde, de wateren zelf: maak je zorgen, zorgen om de toekomst!.

Deze zorgen omarmen we. Aanvaarden we. Al deze zorgen omarmen we.  We gaan er in onder als in doopwater. Als we de zorgen echt omarmen, komen we uiteindelijk bij genade uit. Vallen we in de eeuwige armen van God, in Christus naam.

  1. Genade corrigeert onze hoogmoed. Mensen zijn niet almachtig! B. genade is genoeg; er komt ruimte om iets te bidden , te doen.c. genade motiveert . We willen met God in Christus samenwerken. en d. genade ontspant.

Hemelen is een meervoud, vele toekomsten? Er is een teveel aan vragen en problemen, toekomst kleiner.

Daarom is het gebed van het Onze Vader zo troostrijk, bemoedigend en echt, levensecht. Uw wil moge gebeuren, gelijk in de hemelen zo ook op aarde….

DEUT. 30 geeft een keuze. Keuze om mee te doen voor leven en zegen. Geloven kan zich vernieuwen in ons. De keuze voor zegen en leven is een geloofskeuze. En deze startzondag wil ons bemoedigen die keuze te maken. Kies voor zegen, vanwege Gods eeuwige armen. Zaai de waarden als kleine zaadjes in iedere dag.

Ik noem de 4 waarden: 1. Respect geven; (en niet respect vragen). 2. ruimte-vrijheid voor ieders inbreng; 3. Een gemeenschap schenkt verbinding; 4. Creatieve inbreng van een ieder. Als u geinteresseerd bent, lees het boekje ‘Van U is de toekomst. ‘

Van U is de toekomst; Dus luisteren we naar: Wat de toekomst brenge moge…

AMEN.

ZONDAG 29 augustus 2021

GELEZEN : Johannes 6: 60-71.
En Jezus zei tot de twaalf: Zouden jullie ook niet afhaken?

Gemeente van Christus,

Beste kijker thuis of waar u ook bent,

Jezus stelt deze vraag aan zijn 12 leerlingen. Daarvoor in het hoofdstuk 6 van Johannes waren vele van de 5000 broodeters afgehaakt. Nadat zij het brood dat wonderbaar was vermenigvuldigd, hadden gegeten, wilden ze Jezus een koning maken: zorg, jij Jezus, voor ons brood, voor geld, voor werk, voor onze veiligheid tegen vreemde overheersers, tegen misdadigers, zorg jij voor wet en orde in het land, zorg jij Jezus voor een bloeiende economie. Dan mag jij Jezus wel in een paleis wonen. Dan mag jij wel Koning over ons zijn.

Neen! zegt Jezus resoluut. Zo’n koning ben ik niet… Ja zeker, ik ben het brood, eet me maar op. Word zelf brood; maar niet een gewone machthebber. Meer of minder niet…

Dan haken de 5000 mensen van de wonderbare broodspijziging af. De politieke vraag stellend: wie zal ons wel verder helpen…?

De schrijver van het evangelie – Johannes – had in zijn tijd ook felle gesprekken over de politieke vraag wie koning messias kan zijn. Ene Siemon bar Kochba was tot koning messias uitgeroepen na enkele militaire overwinningen op het slagveld. Hij was een knappe generaal. De twijfel begon toen zijn vaardigheid om recht te spreken niet best was. Om met een modern fenomeen te spreken: als rijdende rechter was hij geen succes. Dus haakten velen weer af. Een echte goede messias, koning, politicus, wat waaraan herken je die? Bovennatuurlijke wonderen, zoals brood en wijn vermenigvuldigen? Een goede rijdende rechter? Militair succes? Loopt zo gemakkelijk uit de hand, angsten, zoals nu in Afghanistan, ten koste van zovele meisjes en vrouwen…

5000 mensen en hun families haken teleurgesteld af. Aan 1 wonder hebben we niet zoveel. Op een krachtige en heldere politiek willen we graag rekenen, nu moeten we afhaken…

Zo snel als geloof in messias Jezus kwam, zo snel verdween het ook. Geloof kan zich wonderbaarlijk snel verspreiden, zoals een exoot in de natuur – het zevenblad of de Japanse 1000 knoop: zo hebben zich in allerlei richtingen van de toenmalige wereld verspreid eerst de joodse godsdienst, vervolgens het christelijk geloof, in 200/300 jaar Noord Oost Zuid en West. En in de zevende en achtste eeuw de Islam.

Maar net zo snel kan een bepaalde vorm van geloven weer verflauwen of zelfs verdwijnen. De Islam is nu bestand tegen ontkerkelijking maar met veel geweld en in het bijzonder met behulp van onderdrukking van meisjes en van slecht onderwijs. Met behulp van analfabetisme.

Vergelijken we Nederland van 1950 met Nederland 2020 wat betreft kerkelijkheid. Het lijkt soms net of bepaalde vormen van geloven net als een mode in de kleding of de muziek is. Na jazz, komt rock en roll; vormen en systemen verdwijnen.

Jezus vraagt aan de twaalf: nu de 5000 afhaken, willen jullie ook afhaken?

Petrus antwoordt namens de twaalf. Zijn beweegreden om te blijven is: neen. we haken niet af want u hebt woorden van eeuwig leven, u bent daarom de heilige van God.

Bij u Jezus is leven, aards leven, tevens gevuld met iets oneindigs. Eeuwig leven. Aards leven van ons mensen, tevens is er iets voelbaar van Gods heilige liefde.

Tussen hen is toen iets gevoeld, en dat wilden ze niet missen; daarom bleven ze. Petrus noemt dat woorden van eeuwig leven, van de heilige God…

Hoe is dat voor ons.?

Voelen we iets heiligs.? Voelen we heilige liefde als we samenkomen?

En dan voegt Petrus ook nog eeuwig leven toe. Eeuwig leven. Voor velen is dat eeuwige hemelse leven vaag geworden. Zoals Frans Bouwer zingt ‘een niemandsland’. Een trein naar niemandsland. Maar eigenlijk moet het nu, heden, in dit leven gebeuren. Dus zitten we eigenlijk gevangen in het nu. Deze aarde, nu reizen, nu feesten als je jong bent, nu. Imagine there is no heaven… I want it all and I want it now…

Het leven nu is werkelijk. En ontglipt ons het leven nu, dan ontstaat angst, boosheid en verdriet

Het lijkt of Jezus daarmee rekening houdt. Soms raken we opgesloten in het leven nu en dat eist zijn tol. Judas zal verraden, omdat het leven nu op aarde hem tegenvalt. Petrus zelf zal verloochenen. De overige apostelen zullen slapers worden…  Het leven nu eist zijn tol op.

Hoe zit dat met ons, u en mij??? Tot nu toe ben ik gebleven. Al zijn er momenten geweest van bezinning: wat houdt me betrokken? Wat beweegt me?

Er is een lied: Ik zie een poort wijd open staan… Vaak is de poort gesloten, leven nu! Hiernumaals…

Heb ik een heilig liefdevol gevoel als ik in de kerk met u hier ben?

Het beeld van Mozes is dat uiteindelijk: een opdracht om een tafel met vlees – het mag ook vegetarisch vlees zijn – van hele verschillende mensen die de woorden van de opdracht willlen horen en zo de maaltijd bereiden met elkaar  (een zebach shelamim) ; een heelmakende en vredestichtende maaltijd houden.

Ja, dan heb ik zeker een heilig gevoel :God heeft ons lief en brengt ons bij elkaar. Het eeuwige leven is er even, niet zo nadrukkelijk. Niet zo wijd open. En toch aanwezig.

Die opdracht is eeuwig; die opdracht in woorden kan iedere week klinken; Die kan je doen en tot slot kan je voelen: voel je vreugde met elkaar?

Mijn antwoord was en is tot nu toe: ja geregeld voel ik dan vreugde. Ben ik o zo dankbaar voor die momenten van vreugde. Het heilige geeft weer iets van het eeuwige…

De opdracht van God in de woorden van Mozes blijft: tafel, brood en vlees, wijn om samen te komen: heling en vrede, vreugde met een heilig gevoel van Gods liefde; en uitzicht op de eeuwigheid. AMEN.

ZONDAG 22 augustus 2021

GELEZEN: Johannes 6: 41-59

Beste kijker, Gemeente van Christus,

Wat gebruikt Jezus een vreemde, eigenlijk schokkende taal. Hij heeft het over het eten van het vlees van zijn eigen lichaam, mensenvlees! En van het drinken van zijn eigen bloed, mensenbloed, het bloed van Jezus. Nu is kannibalisme in de geschiedenis van de mensheid veel voorgekomen. En ook het maken van een verbond door bloed – bloedbroeders en zusters – is een veelvoorkomend fenomeen. Denk aan de motorclubs, zoals de hells angels die door een ritueel van bloed absolute trouw en gehoorzaamheid scheppen, aan elkaar.

De letterlijke betekenis van de beeldspraak van Jezus is onmogelijk. Kannibalisme kan niet bedoeling zijn; misschien figuurlijk: een niet bloedige herhaling van het offer: verwijzend naar absolute gehoorzaamheid.

Bij de wijding van een rooms katholieke priester moet de aanstaande priester op de stenen vloer in de bisschopskerk gaan liggen, de priester moet absolute gehoorzaamheid aan de bisschop beloven, onder aanroeping van de martelaren van de kerk. Deze martelaren waren bereid hun leven – bloed – te offeren voor de gehoorzaamheid aan de bisschop. En dus belooft de aspirant priester hetzelfde door te gaan liggen op de stenen kerkvloer, vlak voor het altaar. Terwijl het koor een lange rij martelaren aanroept…. Een indrukwekkend ritueel.

Wat zou Jezus willen zeggen met deze ietwat onbeschaafde beeldspraak, van bloed drinken en mensenvlees eten?

Wil hij ook een kerk stichten, van absolute gehoorzaamheid, aan iets of iemand? Zoals meneer Xi in China, Poetin in Rusland? Of ooit de machtige kerk…

Zo geloof ik niet;

Wat dan wel?

Jezus zegt dat hij gekomen is om de wil van God te doen. En dat is natuurlijk heel mooi, het zou wat zijn als hij zou zeggen: Doe wat in je opkomt…  Maar pas op… Er zijn er zoveel mensen die dat zeggen. En is het niet Gods wil, dan is het wel dat iemand zegt te komen met de beste bedoelingen! De vader van het gezin te Ruinerwold: Ik weet Gods bedoeling, kinderen! Jullie moeten mij absoluut gehoorzamen.

Baudet heeft de beste bedoelingen, met het christelijke Westen in Europa, sinds de verlichting. Sylvana Simons heeft de beste bedoelingen, om eindelijk eens racisme en discriminatie te doorbreken…

Gods wil, zegt Jezus, dan hoor ik daar in dat Jezus zich niet wil verschuilen. Niet in zijn afkomst, niet in de omstandigheden; niet in een neiging in zijn psyche of geaardheid of kleur om verantwoordelijkheid te nemen voor zijn daden, zijn woorden. Echt willen open staan voor de liefde van God, en die door te geven. Dat punt vinden waarop je ziel zijn of haar kracht vindt.

Lichaam eten en bloed drinken, want eten en drinken zijn onze basis behoeften. Dat heet consumeren. Leven is mogelijk door eten en drinken. Tegelijk zijn eten en drinken beladen met problemen en vragen. Maakt eten en drinken niet ook slachtoffers? Is ons eten en drinken en leven wel zo onschuldig? Door klimaat, door onze omgang met de schepping is ons eten en drinken volop ter discussie gekomen. Leven, overleven en zinvol leven, vreugdevol leven. Leven voor Gods aangezicht; mooi natuurlijk, maar misschien niet zo onschuldig!

Eet mij, , drink mijn levensbloed, dat is luister naar mijn levensverhaal. En hoor in mijn levensverhaal een goede boodschap van God. Luister zo dat we als mensen troost op pijn ontvangen en bemoediging in verwonding; luister en ontvang een teken van verzoening in je dagelijkse gewone leven van eten en drinken. Ontvang zo: Vergeving, hoop en geloof.

Deze zomer zag ik een indrukwekkend gesprek met Roxanne van Iperen. Zij schreef het boek Het Hoge Nest. Zij vertelde van de ontdekking van een archief van de Joden van het Getto van Warshauw. Wetende dat het einde zou komen, hebben zij kaarten, dagboeken, foto’s verzameld van hun gewone leven aldaar, opgesloten in het Getto in een archief verzameld. Ze wilden dat naast het nepnieuiws van van Nazi Duitsland ook hun verhaal zou worden gevonden en gehoord. Een deel van het archief ligt nog onder de Chinese ambassade van Warshauw.

Zelf was Roxanne tussen wal en schip nogal eens vermalen, voelde pijn, als kind van haar gescheiden ouders. Ze zet de pijn van dat verleden om in hard werken. Verhalen vertellen van mensen die bijna vergeten waren, die bijna vermalen waren in oorlog of anderszins. Het is soms pijnlijk om naar de rauwe verhalen te luisteren: alsof je bloed moet drinken en of rauw mensenvlees moet eten…

Dat hoor ik in het verhaal: Jij en je naaste, ieder mens is een mens van vlees en bloed. U en ik en onze naasten…En je wordt geboren in een bepaald systeem, godsdienstig en politiek, met werk en geld, en taal. Kleur van je huid. Niet zo onschuldig altijd. De opdracht echter blijft: Eten en drinken, luisteren naar elkaar, open blijven.

En te midden van dat alles kan de liefde van God, in Christus naam, in de ziel ontvangen worden. Je leven zelf en je frustratie en je verdriet, het licht en het donker werkt bevrijdend en verlossend.

Vlees eten en bloed drinken is het aanvaarden van je eigen levensverhaal, maar met Christus; als ziel met liefde van God. Zo zegt Jezus kom je bij God uit; bij leven in eeuwigheid, bij een soort troost waardoor woede en angst langzaam in balans komen met nieuwe vriendschappen. AMEN

ZONDAG 4 juli 2021

OVERSTAPDIENST op 4 juli 2021.

Nynke en Jesse,

Ouders en familie,

Gemeente van Christus, Beste Kijker,

Bij de voorbereiding kwam het volgende Bijbelgedeelte ter sprake. Een kort stukje uit de bergrede over bouwen. Een huis bouwen. Bouw een huis op een stevig fundament. Bouw je eigen leven op een

GELEZEN Mattheus 7: 24-27

In het Bijbelgedeelte vertelt Jezus van een flinke regenbui. De regen wordt een stroom, die het zand wegspoelt, het huis gaat verzakken. Het huis kan instorten! In Groningen was het geen regen, maar gas uit de grond: de huizen verzakken en er verschijnen scheuren in de muren. Soms zijn huizen afgebroken.

Jullie hadden het afgelopen schooljaar geen last van regen, maar last van het coronavirus gehad; school dicht, thuis zitten, achter de computer. Jullie moesten het uithouden met je broer en je broers, met je ouders die ook veel thuis zijn, en achter de computer zitten: saaie tijd. Soms kunnen problemen zich dan opstapelen. Jullie hebben je redelijk kunnen redden: kennelijk hadden jullie een goede basis: elkaar verdragen, helpen, stimuleren, wat ruimte gunnen, geloof in de toekomst bewaren, plannen maken voor de toekomst, goede ideeen, regelmaat, reinheid en rust, licht en liefde en frisse buitenlucht.

Jezus voegt nog iets toe. Let op je woorden en op je daden.

Nynke, je gaf het voorbeeld van de musical Jona hier in de kerk opgevoerd. Je deed mee. Het verhaal is blijven hangen. Jona hoort een stem, hoort woorden. Een uitnodiging of een opdracht: ga naar Nineve!

Hij gaat precies de andere kant op. Op het schip in de storm slaapt hij. Mensen verdrinken bijna, maar hij slaapt…hij doet bijna niets… Nou is de opdracht ook wel heel vreemd. Gigantische wereldstad waarschuwen. Stel nu eens dat ik zou zeggen, hier of in China of Moskou: nog 40 dagen; en de stad wordt vernietigd. Dan krijg ik te horen: We brengen u even naar het Psychiatrisch ziekenhuis in Siberie!

De opdracht of uitnodiging moet ergens passen bij je eigen leven. Voor Jona was het reizen naar Nineve.

Voor de geadopteerde prins Mozes was het terug te keren naar het paleis waar hij was opgegroeid om tegen de keizer te zeggen: keizer, mijn volk de hebreeen stoppen met het slavenwerk; wij gaan van onze God horen wat we wel gaan doen.

Mozes vond dat ook een hele moeilijke opdracht. Net zo eng als een slang bij zijn staart pakken. Een paleis is voor de fun: lekker eten, mooie badkamers, een mooie stoel om wetten te verkondigen. Maar de keizer vertellen: wij vertrekken: dat is niet bedoeling van een paleis in Egypte… Kennelijk horen we allemaal wel eens woorden die als een opdracht in ons hart valt.

Eigenlijk per ongeluk heb ik jullie beiden wat gevraagd, en na enig nadenken zeiden jullie: JA.

Aan Nynke vroeg ik of je het liedje ook in de kerk wilde zingen dat je al geoefend had voor de musical van groep 8. Die musical is al een paar keer uitgesteld. Nu dacht ik, leuk als je het lied al vast een keer voor ons zingt… Het lied gaat ook nog over een gebaar van liefde…  En na enig nadenken zei je: Okay…

Dat vind ik heel bijzonder. Je doet je naam eer aan; want nyn / nien betekent in het Frysk een uitroep, zoiets als sommige mensen een dier kunnen roepen met hun roep met een geluid…

Horen en doen, als het bij je past!  En Jesse kwam met mijn favoriete Bijbelfiguur, Mozes. Het verhaal van de stok of staf die een slang wordt; en weer staf wordt.  Kennelijk een teken om zijn angst voor de slang te overwinnen; om te geloven dat goede woorden gehoord kunnen worden. En mensen kunnen bevrijden. Goede woorden en goede daden kunnen bevrijden.

Ik ben onder de indruk: zo maar een uitnodiging, maar jullie besloten om het toch maar te doen!

De overstap van de basisschool, van de kindertijd naar de middelbare school is ook een overstap naar volwassenheid. En we hebben alle vertrouwen dat jullie beiden je weg zullen kiezen. Dat wat bij past Ja zeggen. En wat niet bij je past, neen zeggen. Zo zal je de kracht en zegen van God voelen als een sterk fundament onder je leven.

Heel veel dank! AMEN.

ZONDAG 27 juni 2021

De eerste schriftlezing (Numeri 21) is gekozen om het woord zegen. Want in deze dienst willen we Irene de zegen van onze Heer meegeven, op je voornemen om naar Curacao, naar Willemstad te gaan en om daar op een VMBO school te gaan werken.

De tweede schriftlezing is gekozen om het prachtige gebaar van Jezus: laat de kinderen tot mij komen, houdt ze niet tegen. Hij omarmt ze, legt de handen op ze en zegent ze.

Zijn kinderen een last? Zijn kinderen een hindernis op zelf ontplooiing? Hoe dan ook, kinderen doen uiteindelijk een beroep op wat wij als volwassenen kunnen geven aan gepast zorg.

Lieve Irene,

Beste mensen: gemeente van Christus,

Beste kijker,

De leerlingen van Jezus probeerden de kinderen tegen te houden. De grote mensen zijn bezig, die wilden luisteren en eventueel ook geholpen worden door Jezus. Laat de kinderen dan niet hinderen. De leerlingen van Jezus zullen niet met opzet de kinderen willen buiten sluiten, maar het had zomaar gekund.  Nu heeft de Bijbel het verhaal aan ons overgeleverd dat de kinderen juist mochten komen, dat Jezus hen omarmt en hen zegent. Houdt ze niet tegen, laat de kinderen tot Mij komen.

Dat is best bijzonder. Want vele eeuwen lang waren kinderen een soort volwassenen, een verlengstuk en het eigendom van de ouders. In een familie of stam heb je je aan de gewoonten van de stam te houden. Iedere stam ontwikkelt een systeem, waarbinnen je je beweegt. Dat zit al in kleine grappige dingen. Bij de ene familie eet je snel en zwijgend; de andere familie praat en discussieert, neemt juist de tijd bij een maaltijd; bij ons zelfs uitgebreid over een Bijbel gedeelte.

Jezus zegent zelfs de kinderen, zoals de oude Jakob als pake zijn kleinkinderen zegent: Efraim en Manasse; en iedere joodse vader zegent zelfs iedere vrijdagavond: hen aankijkt, hen omarmt, streelt en zegent. Moge ik je zegenen als Efraim en Manasse;

Het kan voor een kind heel goed voelen; dat je gezien en gewaardeerd wordt, dat er geduld met je is, en vergeving na fouten; Ene Bronstein (rond 1900) zat op een schooltje, zijn schoolmeester werd boos op hem, boos. Bronstein verliet de school, veranderde later zijn naam in Trotsky, werd een keiharde kwaaie communist, onderdrukker van zijn eigen volk…

De grens tussen zegen en vloek is heel dun.

De zegenspreuken van Bileam zijn in de Bijbel opgenomen, wat opmerkelijk is, want was hij was eigenlijk in dienst een vijand van Mozes en van Israel. Eigenlijk kwam hij om te vernederen, te minachten, uit angst en boosheid twijfel zaaien bij volk van Mozes. Toch werd het zegen. Zo spreekt Bileam;

  1. Zij zijn gaande uit de angst en uit de slavernij. Zij zijn in beweging! Ze weten van hun afkomst, die zullen ze nooit vergeten, maar gebruiken die afkomst als een positieve waarde.
  2. Er is een eenvoud in handelen; ga stap voor stap. Vertrouw en geloof. De hele toekomst hoeft niet tevoren te worden uitgestippeld met ingewikkelde plannenmakerij.
  3. Ik zie geen stress en geen dwangmatigheid in Israel.

Zoiets vertelde jij ook, Irene, je beschreef zo treffend de manier waarop je bij de VMBO-school in Willemstad Curacao terecht kwam. Je was vacatures aan het bekijken, en je vinger bleef hangen bij die school. Klikken, kijken, sollicitatie schrijven, gesprekken voeren. En zo stap voor stap ga je je weg, Je zet zelf de stappen, maar er is ook een onzichtbare hand die je zacht en als vanzelf leidt. Je hebt de mogelijkheid om naar Willemstad te gaan; de vaardigheden en de kwaliteiten geleerd, en je gaat de uitdaging aan; maar het voelt ook alsof je meegaat met een beweging met iemand die je meeneemt op je levensreis. Deze onzichtbare hand noemen we de zegende hand van God.

Vandaag bidden we hier in dit huis van God dat het God is die met je meegaat. Zo verder gaat. Komt er stressigheid of dwangmatigheid, dan klopt er vaak iets niet. (Verhaaltje) PAKKETPOSTNl brengt pakket, zwetend brengt bezorger zware doos bij de voordeur. Hier uw pakket. Klopt niet zegt de ontvanger, ik had geen zware last besteld. Werk en inzet, ja. Maar continue overbelasting klopt niet. Mijn last is licht! Zegt Jezus. En hier Bileam en Balak moeten ingewikkelde en dure trucendoos laten zien. Dan klopt er iets niet.

We zijn daarmee heel voorzichtig, ik bedoel om te zeggen: God en onze plannen en ideeen zijn hetzelfde. Dat gebeurt vaak te snel. Mensen bouwen met de beste bedoelingen een heel christelijk systeem, en verkondigen soms best wel luidruchtig: zo wil God het! Grappig was in het gesprek voorafgaande aan deze dienst, dat je dat een paar keer zei tegen mij en tegen de sollicitatiecommissie zei: ik wil niet werken op een school die te christelijk is… Ik schrok een beetje en vroeg je: Wat bedoel je? Jij zei: bepaalde normen als een dwangmatig systeem. Een strak normatief systeem uitvinden en dat christelijk noemen. Dat kan gaan over kleding, over taal, over seksualiteit.

Zelf heb ik op een openbare school gewerkt om de Bijbelse verhalen te vertellen. Ook daar heersen strikte normen, Hoog en laag, ziek en gezond, nuttig of niet nuttig; meeste jongens wilden een beroemde voetballer worden, meeste meisjes beroemde ster op instagram. Maken een strak systeem. Mensen maken normen, bouwen systemen.

Als Jezus de kinderen tot zich laat komen, hen omarmt en de handen oplegt en zegent, wat voelen wij daarin?

Ik voel als eerste daarin geborgenheid: met warmte en liefde aanraken, een veilig gevoel geven.

Omarmen deed ik niet; wel begon ik iedere les met een hand geven, aankijken, naam oefenen, welkom heten. Na afloop van de les weer: proberen om de persoon te ontmoeten… om Jezus na te bootsen.

Het koste tijd, voordat de kinderen dit aanvaarden; en niet alle kinderen zaten erop te wachten, of niet altijd. kinderen kunnen ook in hun eigen wereld zijn, zoals ieder mens, kunnen je ook als docent ineens pijnlijk raken.  Mensen lief hebben betekent ook hen een weg gunnen die niet mijn weg is. Opvallend vond ik dat er ook altijd kinderen zijn die ontvankelijk zijn voor de zegen, Gods zegen. Zegen voor kinderen is hen als uniek persoon zien. Irene, met die overtuiging ga je naar Willemstad. Irene, we wensen je alle goeds, alle zegen met je inzet. Boven alles wensen we je Gods zegen toe, zoals Jezus en Abraham die bedoelen. Niet als een dwangsysteem die vooraf alles al heeft vastgelegd. Omgekeerd, als een vertrouwen dat je kan delen waarbij een mens het durft te doen met de mogelijkheden die al lang door God in ons gelegd zijn.

Stuur af en toe een bericht, laat ons weten, en zegen ook ons weer! AMEN

ZONDAG 6 juni 2021

GELEZEN Numeri 13: 25-33  en Marcus 3: 20-27

BESTE KIJKER,

Vermoedelijk tobt ieder mens wel eens met gevoelens van onmacht. Het gevoel dat je kan overvallen als je beste bedoelingen toch verkeerd uitpakken. Daar is zelfs een woord voor uit de taal van de Bijbel: schlemiel. Er zijn verhalen van Emiel schlemiel, voorzitter van de dorpsraad. Er was melk en boter tekort voor het kerstfeest. Als oplossing veranderde men de benaming. Water heette voortaan melk, melk heette water. En dus was het tekort opgeheven! Achteraf na kerst werd er geklaagd dat er watertekort was, maar dat probleem kon wel op de dorpsagenda van januari!

Later komt dit type ook voor in comedy’s, en boeken. Mijn dochter van 13 las een tijdje het dagboek van een sukkel. Films als de dikke en de dunne of hotel op stelten met G. Clooney. Waar de hoteleigenaar misverstand op fout stapelt. De lach werkt bevrijdend van ons eigen gevoel van soms maar aanklungelen. Mijn beste bedoelingen kunnen verkeerd uitpakken, soms zelfs afwijzing of boosheid teweegbrengen.

Het Bijbelverhaal van de 12 verkenners of toeristen die een land verkennen snijdt dat gevoel aan. Tien van de twaalf verkenners toeren door het land, ze zien van alles, bijvoorbeeld mooie druiven bij de druivenoogst, steden en dorpen, maar krijgen vooral het gevoel: wij zijn een stelletje schlemielen! Die bewoners in de late bronstijd hadden best grote steden met dikke muren er omheen. Goed bewapende soldaten op de muren, slaven en lijfeigenen die de omliggende akkers bewerken, en aan het hoofd een de priesterkoning met zijn schrijvers, boekhouders, planners en priesters, raadgevers. Het leek best indrukwekkend allemaal.

De tien verkenners worden overspoeld met informatie en indrukken. En ze zien ook nog eens een begrafenis stoet alsof een Egyptische farao ten grave wordt gedragen, waarbij iedereen verplicht aanwezig is, dan voelen de 10 zich als kleine sprinkhanen. Schlemielen.

Dit nare gevoel kan je kwijt raken door in je hoofd en hart een stap te zetten. Het is een verkeerde stap, maar die komt helaas heel veel voor. Jezus wijst erop en waarschuwt ervoor in hele indringende woorden. Die stap is de stap naar een tweedeling. Mijn gevoel van onmacht, van de schlemiel, wordt veroorzaakt door machtige anderen. Door grote slechterikken die in de gedachten grote reuzen worden.

Een invloedrijke denker, Karel Marx, zag hardwerkende fabriekersarbeiders tegenover sigaar rokende eigenaren. Hij noemde hen reusachtige kapitalisten, mensen met aandelen in fabrieken die vele loonslaven in de fabrieken lieten zwoegen voor een hongerloon, liefst nog kinderen of vrouwen! Die reus- of super kapitalisten hadden hun tentakels overal in: de kerk, de school, het leger, in presidenten en koningen, in alles…

Bij de 10 verkenners wordt gesproken over Reuzen van mensen, enkele die een kwaadaardige macht hebben over een massa slaaf gemaakten.

Als je zo’n kapitalist ook nog een Joodse naam geeft, zoals Rothschild of Oppenheimer die stiekum alles naar hun hand zetten, dan hebben we in ons hoofd de wereld in tweeen gedeeld, een zwart-wit wereld met absoluut kwaad en absoluut goed. Enkelen die in het halfduister manipuleren en de goeden die voor het licht zijn. Jezus zegt dan: zo ben je een huis in jezelf verdeeld is… Zo maak je jezelf krachteloos.

Ten tweede. Een sprinkhaan komt in zwermen en de zwerm vreet alles op en gaat verder. Daarom is die zwerm een plaag. Iemand zei me: dat sprinkhaan gevoel wijst ook op ontworteling, je niet thuis kunnen voelen. Snel kaal vreten en weer verder gaan. Die tien verkenners zeggen: wij zullen ons niet thuis voelen… We reizen in de woestijn, okay. Springen als een sprinkhaan van plek naar oase. Steeds verder. Maar ergens wortelen, en iets duurzaams opbouwen. Dat kan niet.

Slechts 1 verkenner meent Kaleb: de plek is goed genoeg om een thuis te maken, te wortelen.

De goede boodschap van het evangelie is nu juist bevrijding van deze verdeeldheid. Gods koninkrijk is dichtbij je; weet je prins of prinses in het koninkrijk, een waardige burger. Schiet wortel in het koninkrijk en Zijn gerechtigheid. Dan wordt de plaats en je leven bewoonbaar; wortelen is daar waar je met elkaar zoekt naar recht en waarheid, leven in waarheid.

Jezus noemt deze stap naar een tweedeling een demonische stap, die onverenigbaar is met de Geest van God, de heilige Geest. Dat klinkt mooi, maar wat is het concreet nu? Zet steeds kleine stapje, in geloof en in hoop. Maak daarvan een geheugensteuntje.

God zegt: maak een blauw draadje; knoop die aan je riem. Het blauwe draadje wijst op een slakje uit de zee; de zee is blauw, zoals de lucht blauw is; de lucht wijst op het heelal; op Gods aanwezigheid in ons leven. Wij weten niet alles en wij zien niet alles. Maar iedere stap is waardevol. God is ook bezig. AMEN.

ZONDAG 23 mei 2021 PINKSTEREN

In 2020 werd gebarentaal officieel als taal erkend. Daardoor zien we op de persconferenties naast premier Rutte (de minister de Jonge) ook iemand gebarentaal spreken; en is Irma Sluis bekend geworden. U kent nu  bijv het gebaar voor hamsteren.

BESTE KIJKER, het pinksterverhaal van Handelingen 2 wijst op een groot wonder, dat door middel van spreken en luisteren – of kijken naar gebarentaal – mensen elkaar kunnen verstaan, gevoelens en gedachten kunnen uitwisselen.

Zo zegt de tekst: Een ieder ging spreken in een taal vreemd voor hen, door de Geest. Vervolgens hoorden mensen hun eigen taal in het spreken van de ander, die vervuld was van de Geest…

Deze woorden uit de Bijbel verbazen mij ieder jaar weer. Niet alleen elkaar goed begrijpen is lastig, maar net zo moeilijk is het om werkelijk vrijuit te spreken. Kennelijk wordt spreken, werkelijk vrij uit gaan spreken, vaak afgeremd. Allerlei factoren kunnen een rol spelen waardoor spreken onhelder wordt, moeilijk verstaanbaar. Of versluierd, door bijv angst dat de luisteraar/hoorder je zal afwijzen, veroordelen. En dat herken ik wel.

Een indrukwekkend voorbeeld kwam ik tegen in het boek van een jonge vrouw, haar ouders zijn uit Turkije hier komen werken: als gastarbeiders. Ze heet Lale Gul. Zij woont en groeit op in Amsterdam-West, een achterstands-pracht wijk, met heel veel import. Eenmaal op de basisschool stopt ze met spreken. Ze leeft vele jaren zonder spreken. De juf op school vraagt aan haar ouders: heeft ze soms een geboortegebrek? Dan gaat ze lezen en lezen op de plaatselijke bibliotheek. Ze leert de Nederlandse taal ontzettend goed! Er is taal, ze leert heel veel van de Nederlandse taal, soms grove taal, conflicten taal; Maar werkelijk spreken bijv met haar moeder, met de familie; met haar Nederlandse vriend, neen dat lukt maar niet; als haar boek verschijnt in de boekwinkel, volgt er nog meer afwijzing, maar ook voor het eerst herkenning, gehoor. Haar boek is te lezen als een hartekreet: wie hoort mij nu eindelijk eens…? Is er dan niemand die me wil horen, me wil begrijpen…?

Nu dezer dagen zou ik van alles willen zeggen, bij het oplaaiende conflict tussen Israel en de Hamas in de Gaza-strook, Want van jongs af aan ben ik geboeid door de Bijbelverhalen: Abraham en Sara zouden er gaan wonen; later doen Mozes en Jozua een poging; Ezra en Nehemia doen een geheel andere poging. En in onze eeuw sinds 100 jaar geleden opnieuw. Maar tegelijk is er een rem in mijn gedachten: Als ik het verkeerd zeg, denkt de hoorder misschien dat Die Verwaal het leven van een Palestijns kind misschien wel minder acht dan van een joods kind? En dat wil ik niet; en dus kan ik me inhouden; voorzichtig zijn; onhelder gaan spreken; soms zelfs angstig spreken. En dat helpt ook niet. Zoals iemand me zei: wat wil je zeggen, Jak?

In haar boek van Lale Gul komt het conflict Israel/ Palestina zo nu en dan voor als zijdelings motief. Geheel vanzelfsprekend is in haar Turks-Nederlandse wereldje Israel gewoon heel slecht, de duivel zelf. De Palestijnen worden door Israel gediscrimineerd, vervolgd en mishandeld, zelfs uitgeroeid… Dan stelt ze verbijsterd vast dat precies dezelfde tirade tegen Israel bij moderne – verlichte – zichzelf als progressief beschouwende Nederlanders klinkt. In alles het tegendeel van haar fundamentalistische moslims! Turkse-Nederlandse ouders. Ze snapt er helemaal niets van…

Kennelijk is het zo, beste kijker, dat behalve een conflict in een heel klein landje over een huis of een kleine berg als Jeruzalem, (Israel is een half luciferdoosje op een voetbalveld van de Arabische wereld), het conflict ook gaat over taal, over spreken, denken, voelen, en zo welk verhaal wij vertellen?

Welk verhaal vertel ik in wat ik doe of meemaak…

Nu is het wonder van het Pinksterverhaal – echt een groot wonder! – dat er een echt spreken begint! De tong de lippen, het hart, worden bevrijd door de Geest, een ieder durft te beginnen in vrijmoedigheid…

En anderen horen ervan, tonen begrip! Wat een wonder! Zelfs in het vrije spreken geschiedt een tweede wonder: in het bevrijde spreken gebeuren de grote daden Gods… Wat zou dat zijn?

Petrus geeft een voorbeeld, aan de hand van het levensverhaal Jezus Christus. Deze Jezus leefde uit Gods kracht en liefde, en hoewel hij aan het kruis stierf, is zijn levensverhaal een uitnodiging om te leven in Gods liefde! Dus kunnen wij ook uit die liefde leven, spreken en ons eigen levensverhaal vertellen.

Je kan je levensverhaal vertellen als een beker die leeg loopt…  en de schuld aan de omstandigheden of iets dergelijks geven : Mijn beker is aan de lege kant en dat is de schuld van ( bijv de Joden!).. zo kan je in een zwart wit denken belanden; in slachtoffers of misdadiger-tweedeling gaan geloven.

Er is een spreken mogelijk misschien wel het meest voorkomende spreken, dat zich sluit, afsluit, en zwijgt.

Maar er is ook een spreken mogelijk vanuit de Geest van God, de heilige Geest; dat spreken is aarzelend, zoekend, naar een opening, open, kwetsbaar, hoopvol, naief misschien, maar toch met een heilig vuur van God.

En er is een spreken dat weet heeft of gelooft in Gods project met de schepping en met de mensen: een project van zegen en gerechtigheid, voor alle volkeren. Te beginnen in Jeruzalem, voor Rome of voor Mekka, Voor Delhi …

Dit open of vrijmoedig spreken ontdekt: Ik ben Nooit alleen. We luisteren naar dit lied. AMEN.

ZONDAG 9 mei 2021

OVERDENKING 9 MEI 2021, HAULERWIJK

Op uitnodiging van Jan en Jannie Oostingh mag ik een keer in uw midden zijn om de overdenking uit te spreken: hartelijk dank daarvoor. Het thema van de overdenking sluit aan bij deze 36 ste dag van de pinkstertelling (aanstaande donderdag is de 40 ste dag, en 23 mei de 50 ste dag, dat is dus Pinksteren.) Deze 36 ste dag haalt de woorden van Jezus aan: willen jullie mijn leerling zijn, oefen je dan in liefde betoon. Blijf in de liefde! En op deze moederdag past dat heel goed, vanzelfsprekend. Daarom zijn de woorden gelezen uit het derde boek van Mozes, boek der liefde;

HEB UW NAASTE LIEF ALS UZELVE: IK BEN DE HEER…

En zijn de ontroerende woorden van PAULUS uit de brief aan de mensen in de ruwe havenstad stad Corinthe voorgelezen: Paulus WIJST OP DE VOORTREFFELIJKE WEG: ALS IK DE LIEFDE NIET HEB, HEB IK NIETS, AL ZOU IK ALLE KENNIS BEZITTEN…al zou ik alles weggeven aan de armen. Een dochter van een dominee zei me eens in Rotterdam: mijn vader werkte dag en nacht voor zijn mensen, nooit thuis. Op zijn 65 ste stierf hij, alleen maar lovende woorden bij zijn graf, waardering van iedereen, maar ik voelde leegte en geen spoor van verdriet; nooit was hij er voor mij… en hij kan het ook nooit meer goed maken… Had hij wel liefde voor zijn naasten thuis, voor mij? Zelf schrok ik daarvan… En ik vroeg toen aan mijn kinderen: Ben ik er voor jullie?

Het is vandaag ook moederdag. Kinderen kunnen – als ze willen – hun liefde en waardering uitspreken voor hun moeder.  (Over een maand voor hun vader…).

Die opdracht staat wel 3 x maal in de boeken van Mozes. Bijvoorbeeld ook in Lev 19: 2 ‘Een man, een mens,  een verbondskind, hebt jullie respect voor je moeder en je vader. En bewaar de rustdag. Een aangrijpend – uniek?- voorbeeld van respect en eer voor zijn moeder gaf Viktor Frankl. Hij woonde in Wenen in het jaar 1937. Hij was een veelbelovend arts en psychiater, klaar met een uitvoerige studie. Daarom was hij uitgenodigd om doktor en professor te worden in London, een prachtige kans voor zijn beginnende carriere in de artsenij.  Viktor wandelede naar zijn ouders, die ook in Wenen woonden om hen hierover te vertellen. Aangekomen bij zijn moeder en vader, trof hij zijn moeder te neer geslagen aan. Vader had een brokstuk marmer uit de synagoge van Wenen naar zijn huis meegenomen: eer uw vader en uw moeder… Viktor wist wat er gaande was: Bij de Anschluss was een dolle meute ook de synagoge’s gaan slopen, naast de winkels van Joden, en het bedreigen van joden. Zij zaten stil bij elkaar… Een stilte die wel een eeuwigheid duurde. Een stilte die wachtte op woorden om beslissingen te kunnen nemen. Op enig moment zijn ze gaan praten. Viktor vertelt over zijn benoeming in London; en de ouders van Viktor vertellen over hun bange voorgevoel, de tijd van Oostenrijk onder Hitler wordt een boze tijd… In die stilte van zijn hart is een gevoel, een roep, een opdracht  gaan spreken. Ik blijf in Wenen, bij jullie, mijn lieve moeder en mijn vrome vader… Neen zeggen zijn ouders: ga naar London, wordt arts! Hij is meegegaan, de gruwelijkste kampen zoals Auschwitz in, ouders en familie verloren, zijn boek, promotie-onderzoek verloren; zijn prachtige positie in London verloren. Toch heeft hij al deze gruwelen overleefd. Steeds zegt hij heeft hij momenten van stilte en gebed gezocht.

Want zegt hij, in momenten van stilte, in de meest bizarre of ellendige of angstige omstandigheden kon zijn hart wachten op de liefdevolle stem van God.

Ieder mens heeft een moeder en een vader; kan eventueel zelf moeder (of vader) worden, of in de kerk bij het doopfont peet moeder. Ook zijn er vele nieuwe vormen bijgekomen in onze tijden – ik spreek hier uit ervaring! : opvoedmoeder, of stief moeder, bonus moeder, pleegmoeder, donor-baarmoeder, ex-moeder,  rijke tante, liefdevolle tante… Ook dan is het mogelijk  om voor de keuze te staan: erkenning, waardering of niet, nog niet vanwege verdriet of pijn. Want, Bij het opgroeien en opvoeden van iedere generatie zijn er ook spanningen: G.K. van het Reve schrijft in de Avonden over harde communistische ouders, (Jan Wolkers, ’t Hart, Siebelink, Kerk, S. Vestdijk over benauwde kleinburgerlijke ouders: en vele anderen) in onze tijd onlangs Lale Gul: met haar aangrijpende als talentvolle boek: ik ga leven over haar bekrompen moslim ouders. Hoe dan liefde? Wordt liefde dan niet een kleffe deken die onrecht en pijn moet bedekken?

Frankl geeft een advies uit zijn eigen Auschwitz en Wenen ervaringen. Hij adviseert ons om juist in spanning en verwarring, soms in boosheid en twist ook momenten van stilte te zoeken, leegte, van ‘een persoonlijke sabbat.

Deze stilte is nodig want kan je leven redden. Weer de toekomst openen. Vooral de stem van God, de stem van liefde… voor je eigen leven laten klinken.

Want ieder mens is kind van moeder (en vader); en staat voor de opdracht om steeds weer uit te ziften en te onderscheiden, wat probeer je los te laten en wat juist mee te nemen je eigen toekomst in. Dit proces van uitziften en onderscheiden is levenslang; doe het  ter wille van de liefde! Van je leven, van je eigen toekomst en voor de nieuwe generatie. En voor je moeder en vader.

Frankl heeft zo een boekje geschreven: De Betekenis van je leven…  Een wonderschoon boekje: betekenis is namelijk met stilte te vinden, zo meent hij. Betekenis als liefde geven en ontvangen is soms met veel strijd en verwarring, voor iedereen te vinden. Liefde voor je moeder , op deze moederdag.

Gun je kind wat stilte, ruimte, gun jezelf te luisteren naar je hart.

In het gunnen van een stille momenten, van nog geen oplossing hebben, maar van uitrazen, van luisteren spreekt de liefde van God. En van die mooie woorden: ik geef om je. Je gaf met het leven.

AMEN.

ZONDAG 2 mei 2021

BESTE KIJKER,

Onlangs was ik in gesprek met een akkerbouwer over vlees en veganisme, over bestrijdingsmiddelen en over mestwetten, over klimaat en over stikstof. Hij vertelde me dat er veel zorgen zijn, en angst dat er nog veel meer beperkingen komen.

En dus boosheid. Want zei hij als je een akkerbouwer echt kwaad wil hebben, moet je een stukje van zijn land afpakken, al is het een hoekje bij een oprit of door een fietspad of wandelpad. Mooie grote rechte stukken bewerken met de machine is belangrijk, want juist alle details en beetjes zijn belangrijk, smalle marges!

En nu horen we van Mozes precies dat te doen: laat een hoekje van je land liggen als je aan het oogsten bent. En heb je een wijngaard of olijvengaard, ga niet nog eens extra de kleine of zure druiven nalezen, de afgevallen olijven nog eens nalezen; laat die tweede rangs druiven of olijven liggen of hangen, voor de armen, de weduwe en de welwillende vreemdeling.

Evenals nu zal Mozes ook toen met dit voorstel niet de handen op elkaar krijgen van enthousiasme: die nalezing levert ons wel wat op meneer Mozes! Met die restjes kan je van alles doen: pesto maken, druivenkoeken die tegenwoordig, muesli-repen heten. Sap en azijn van zure druiven.

Mozes voegt eraan toe: gij zult niet stelen. Met andere woorden. Wie precies tot aan de rand oogst en nog eens gaat nalezen, verschilt niet een dief! Die bij de buren inbreekt, waardevolle bezittingen uit een huis steelt! Soms is de boodschap gewoon irritant…

Dat stelen van een ander slecht is, okay . Het is te begrijpen. Maar de rand oogsten en nalezen van je eigen zorgvuldig bewerkte akker is toch zeker niet hetzelfde als stelen….  Dit is net zo vreemd als wat Jezus later zal zeggen: sla niet direct twee keer zo hard terug, denk eerst na, hoe je wil reageren in een vijandschap, Zijn er alternatieven om de twist aan te pakken? Een grap maken? Excuus aanbieden? Toegeven? Of ook zelf verdedigingscursus volgen en op het goede moment betaald zetten… ?

Daarmee raken we aan een aspect van de boodschap van Mozes en of Jezus dat vaak irriteert alsof op zoek naar de liefde van God je je hand in de braamstruik doet en au! roept. En dan volgt er nog veel meer: 10% van je inkomsten als plicht betalen, of een dag rust nemen per week. De opdracht kan je als de boer wiens land je afpakt allemaal ernstig irriteren. Is dat hetzelfde als de dief die steelt?

Wat wil die boodschap? Ons een koninklijke nonchalance leren? Herenboer met je 1000 hectare, doe ook eens ruimhartig, geef ook een wild feest voor de keuterboertjes op de zwarte cross?

Neen, want deze opdracht geldt voor de kleintjes, de keuterboer: laat ook een paar centimeter over .. als het penninkske van de weduwe.

Er zit een principieel idee achter: Namelijk dat eigendom als een absoluut recht ergens niet klopt; Dat ieder een goddelijke koning over bezit is, neen.

Wat is vrede? Wat is vreugde? Precies afbakenen? Mijn en dijn precies vastleggen? Neen: vrede en vreugde is ieder heeft iets te geven! Denk wat mooier over je zelf en ander… Er zit een mensbeeld achter.

Ter verdediging van Mozes kunnen we aanvoeren dat de Bijbel ons ziet als een ruwe diamant: Ieder mens is kostbaar als een ruwe diamant. Het enige wat ons te doen staat is schaven. Schaven tot meer en meer de edele steen gaat stralen. En wat druiven of olijven aan anderen laten is een vorm van schaven.

Jezus zelf vergelijkt zich zo met een snoeier in de wijngaard. Dat is bij druiven kweken het vak bij uitstek: snoeien! Help elkaar met snoeien! Dan komen er mooie vruchten!

(Verleiding om te vervallen in een tweedeling: zielige slachtoffers tegenover kwade uitbuiters; of andere tweedelingen naar kleur, godsdienst rang of stand, geld of opleiding….  Neen, laat ieder mens zich beschouwen als een even kostbare als ruwe diamant: gegeven aan elkaar om te gaan stralen!

Van mensbeeld naar Godsbeeld. De Bijbel gebruikt daar een woord voor: een vreemd argument ter aansporing om te geven: wees heilig want Ik de HEER ben Heilig. De hoek van je akker, of niet stelen: wees heilig! Dat is een vreemd argument. Normaal is: Wie steelt, stop ik in de gevangenis. Wie iets verkeerd doet of zegt: via de sociale media: cancelen!  Mozes had kunnen opdragen: Maak een stevige politiemacht! Organiseer een meute op sociale media en cancelen maar bij overtreding. Zodat wie uit stelen gaat, een grote kans heeft op de Gevangenis – en geen hotel-gevangenis of na dit leven in de hel.

Neen, het argument ter bemoediging is: weest heilig… en dus niet stelen, dus de hoek van akker voor de weduwe. Wees, vreemdeling iets gunnen. Want je voelt heilig! Lekker, positief, blij; EEN GEVOEL VAN Overvloed. We zijn op weg naar Pinksteren, om de heilige geest te ontvangen zodat we deze opdrachten kunnen doen. Niet uit vrees voor de strafrechter of de sociale media golven. Heilig moet te maken hebben met een lekker gevoel. Met een kostbaar gevoel.

God kan ons een speciaal gevoel geven, een zeer krachtig gevoel. Morele gevoeligheid kan pijn omzetten plezier, in betekenis, in waarden. Met Pinksteren is ons gebed dan ook: kom Heilige Geest! AMEN.

ZONDAG 25 april 2021

GELEZEN  2 Koningen 5 en Marcus 1: 40-45

BESTE KIJKER,

General Naaman, de hoofdpersoon in het Bijbelverhaal van vandaag, heeft last van een kwaal. In zijn lichaam woont een spanning die zich uit in zijn lichaamstaal. De spanning is veroorzaakt door een grote – gelukkige – overwinning. De Bijbel zegt: de HEER gaf hem de overwinning. Een collega generaal zou kunnen zeggen: Hij had geluk, want beginnersgeluk is een bekend fenomeen! De krant van toen kon schrijven: de bliksemcarriere van generaal Naaman! Zijn koning is blij met hem, want die hoopt op nog veel meer overwinningen in het altijd woelige Midden-Oosten. Maarr, generaal Naaman zelf heeft het moeilijk na de overwinning: want plotseling succes is vaak net zo moeilijk en spannend als plotselinge tegenslag. Onze geest moet zich aanpassen, een verhaal aan jezelf vertellen, waar je mee uit de voeten kan.

De spanning woont in zijn lichaam, daar heeft de Bijbel een term voor: tzara’at, (op vele manieren vertaald als lepra, meelaats, psoriasis) maar opvallend is dat ook kleding en ook een huis de ‘MEELAATSHEID’ kan vertonen; dat zeggen we dan: de spanning is in dat huis te snijden. Dat kan niet bij lepra oid, maar wel bij spanning: de spanning is om te snijden. Ervaren mensenkenners zien en voelen die spanning aan een ander mens: oogopslag, handen, zenuwtikjes frunniken. Etc.

Deze spanning die de Bijbel Tzara’at noemt heeft een duidelijke oorzaak. De oorzaak is het veel voorkomende menselijk idee dat het resultaat van mijn doen en laten volledig van mij en van mij als mens alleen afhankelijk is. Dat een mens een volledig overzicht – over zichzelf of over een ander – heeft. Helaas is dat een veel voorkomende misvatting. Het idee is een kwalijk en vals idee – levert heel veel spanning op. Of het nu bij kinderen is op school die examen moeten doen: als ik op de goede wijze leer, dan zal ik slagen; en als ik niet goed leer, dan zal ik zakken voor het examen. NEEN, je best doen is prima, maar niet omdat het resultaat gegarandeerd is…

Bij Generaal Naaman heeft het idee kennelijk postgevat: nu moet ik alle veldslagen winnen! Hij loopt met precies dezelfde spanning rond als een scholier of student die examen moet doen: Ben ik een goede generaal, dan win ik steeds de veldslag. Doe ik iets verkeerd, dan verlies ik misschien weer een veldslag.

Wat ik echter van Jezus en van de Bijbel hebt geleerd, is dat dit een verkeerd idee is dat pijnlijk is voor jezelf en soms voor andere mensen is. Een buikpijn idee. Een heel arrogant en hoogmoedig idee zelfs. Want het idee veronderstelt dat wij alle factoren kunnen overzien en naar onze hand kunnen zetten! Dat klopt niet. Wij overzien niet alle factoren en wij kunnen al helemaal niet alle factoren naar onze hand zetten. Denken we en geloven we dat wel, dan automatisch komt een te grote en gevaarlijke spanning in ons lichaam.

De spanning is vervelend voor ons zelf. Het kost veel energie om alle factoren te moeten gaan bepalen.

Het is ook een gevaarlijk idee. Want als wij alle factoren zouden weten en zouden moeten beheersen, en een ander mens doet iets fout in onze ogen, dan wordt die direct het zwarte schaap. De zondebok, een duivelse vijand, een levensgevaarlijke tegenstander van onze almacht-fantasie. We belanden in een tweedeling van goed fout, zwart wit en god-duivel.

In deze tijd van Corona hebben zowel de regering als verstandige deskundigen dit – al is het soms of maar even – moeten benadrukken: WE WETEN NIET ALLES EN WE CONTROLEREN NIET ALLES. Waarom bijvoorbeeld sommige mensen heel ziek kunnen worden en andere nauwelijks, dat weten we niet altijd precies. En dat hebben we nooit geweten…

En alle maatregelen zijn nodig, en het is goed elkaar te steunen en te bemoedigen, maar er is niet absolute veiligheid. Wij kunnen zeker ons best doen, maar wil je van die te hoge spanning af, dan is er een andere uitweg mogelijk.

De generaal krijgt advies van een oorlogsmeisje; ze zegt: ga naar de profeet van Israel. De generaal gaat naar Elisha, zoals de gespannen man naar Jezus. Zij zijn mensen die een goede balans zoeken: wel onze inzet, maar verbinding zoekend met Gods koningschap!

Het moeilijk te geloven advies voor de generaal is: Dompel je 7 maal onder in de rivier de Jordaan; uniform met insignes uitdoen, ringen en sieraden; je afkomst en je toekomst loslaten; je zekerheden en je angsten; je meningen en overtuigingen inslikken; onderscheidingen, successen en twijfels, angsten loslaten; het water in.

Het getal 7 verwijst naar deze zichtbare wereld. De 7 scheppingsdagen. Wij leven erin, ermee als geschenk. Genezen komt Naaman uit de wateren; als een herboren mens, als een jongeling, bescheiden en onbevangen: ja ik mag van alles doen, zo goed mogelijk doen. Maar mijn leven zelf is een geschenk uit de bron van leven. Ik heb niet alles in de hand!

Volgens de tora van Mozes gaat de genezen mens naar de priester. Het verhaal vertellen. Ga naar de het huis van God, naar de koheen; breng een bedrag aan geld: die fantasie van almacht bracht me pijn, die ik per ongeluk mezelf aandeed. Nu laat ik die almacht los; ben niet gespannen meer. Leef met anderen, en met God.

Jezus gebiedt: Maar vertel niemand iets! Hij doet het wel. En Jezus vlucht naar een plek zonder mensen; Want Eer, roem of geld zou de misvatting in stand houden. Nu hebben we iemand die het ALLEMAAL EN ALLES WEL overziet…. Neen, dus.

Mijn volle overtuiging is: deze verhalen zijn noodzakelijk; de bepalingen van Leviticus 13-14 zijn uiterst actueel. We doen ons best; opdracht om ons in te zetten. We mogen geloven dat onze inzet kan worden gezegend. Maar we hebben niet alles in eigen hand. Het besef is van groot belang dat het zich verdiept : ons leven is veilig en geborgen bij de bron van leven, licht en liefde, de heer Onze God.

AMEN

ZONDAG 4 april 2021 PASEN

PASEN 2021

Beste kijker,

In de verschillende opstandings– en verschijningsverhalen komt een opvallende dubbelheid voor. Zoals we vanmorgen vernamen uit het bericht van Mattheus: eerste dubbelheid, vrouwen ontmoeten de opgestane HEER, tegelijk wordt het bericht verspreid dat het lichaam van Jezus gestolen is. Tweede dubbelheid: Vervolgens staat er dat sommigen toch geloofden en het bericht van de opstanding verkondigden, terwijl anderen van de volgelingen van Jezus twijfelden… Ook uit de andere evangelien komt die dubbellheid naar voren. In het evangelie van Johannes: Petrus en Johannes gaan de grafkamer in, vinden de doeken en gaan weer naar buiten… Maria gaat kijken, en ziet hetzelfde en roept al huilende tegen de tuinman: ze hebben mijn Heer gestolen, het lichaam is weg. Marcus eindigt met een dubbelheid: vrouwen vinden het lege graf, een grote steen verwijderd, tegelijk gaan ze op weg met vrees en beven en zeggen niemand iets……

Heel dubbel en met horten en stoten komt het opstandingsverhaal op gang. Maar steeds is er ook iets van die dubbelheid. Later is er weer de eerst twijfelende Thomas die eerst wil zien en dan pas geloven; ook de Emmausgangers hebben teleurgesteld Jeruzalem verlaten… Pas na het eten van wat brood keren zij om en hervinden het vertrouwen: het geloof in de toekomst.

Dat herken ik wel in mijn eigen leven, en ook in ons samenleven. Eigenlijk bij alles wat we mee maken en doen en bij het maken van een mooi plan: JA, MAAARRR…. – ook in onze gemeente – is wel een ja maar te noemen. En in deze corona-tijden is me dat nog eens extra opgevallen.  Een constante stem roept bij van alles: Ja… MAAR eerst maar weer zien; bij het testen van een medicijn als je ziek wordt, bij vaccins; steeds hoor ik in mijn eigen hoofd: JA MAAARRR… Op tijd? Genoeg? Bijwerkingen… Die farmaceutische bedrijven… daar draait alles om grof geld. Op 1 september gaan we weer volop beginnen aan het gemeentewerk… JA MAARRR… Moeten we niet eerst wat rusten, op vakantie. … Soms roep ik dat zelf niet, maar hoor het andere mensen roepen. Ja MAAR.

Het gaat maar door tot vermoeiens toe. Terrassen dicht in de open lucht? Ja maar de open lucht was toch veilig…? Vaccineren, ja. Maar is het nou wel veilig, na gevallen van bloedstolling. Laten we de vervuiling verminderen, de CO2, het stikstof, prima!  JA, Maarrrr bomen verbranden was toch niet de bedoeling….? Bruinkool, steenkool? Kernenergie is schoon, ja maar dan is er weer stralingsafval… Zonnepanelen dan. Ja prima. Maar zegt iemand, na 20 jaar doen ze het niet meer goed. Zitten we met enorme bergen afval van oude zonnepalen… Vis is gezond en lekker; ja maar de zee is bijna leeggevist!

En zo gaat het maar door. Vermoeiend soms.

Op een vergadering gaat dat automatisch bij mij. Zegt iemand: laten we tijd besteden aan contacten met mensen binnen en buiten onze gemeenschap. Nee zegt een ander, die saaie kerkdienst is niet goed: moet helemaal anders…

Na mijn opleiding zeiden de docenten: denk erom, blijf lezen, doe aan permanente educatie. Maar bij de laatste nascholing was het advies: lees eens wat minder. Luister naar je gevoel: leer eens naar je gevoel te luisteren…

Vermoeiend. Maar echt. Deze opstandingsdag duwt je ook de twijfel in; ziet zelfs het ongeloof onder ogen. Denk je een stevig houvast te hebben? Dan duwt ieder jaar weer het evangelie naar een beweging. Om op witte donderdag te zeggen: kom aan tafel en ontvang alles helemaal nieuw. Het systeem van valse zekerheden zit ook in je. Die neem ik je af.

Zo aan de tafel van brood en wijn wordt het grote IK van mij afgenomen; ook het Ik van IK geloof; Eerst maar luisteren en vertellen.

Wat een troost en wat een herkenning dat het evangelie dit onder woorden brengt. Eigenlijk ben ik heel blij met de evangelien, zo herkenbaar. Het vertelt: De HEER is opgestaan en verschenen aan de vrouwen, aan Maria van Magdala etc… Maar sommigen twijfelden… De Emausgangers hadden de hele opstanding kennelijk gemist. Ze moesten opnieuw het brood delen. En gingen naar Jeruzalem om toch mee te doen.

In onze Corona tijden, met alle teevee, media, websites en informatie is bij alles een Ja Maar te noemen…  Ontvang hartelijk de vluchteling… prachtig Ja Maar er zitten massamoordenaars tussen, die honderd duizenden mensen in de kelders van president Assad ombrachten.  Wil je die beul en massamoordenaar als nieuwe buren?

Wat een bemoediging: enerzijds de dubbelzinnige werkelijkheid waarin wij leven, en waarin dus ook ons leven dubbelzinnig is.  Het ja, maar hoort erbij! Weet dat de werkelijkheid dubbelzinnig blijft, en juist daarin mijn opdracht blijft tot liefde en tot vertrouwen. Een stap te zetten.

Luister: ik Ben met je! Tel en vertel, de 50 dagen; Ga toch op weg; probeer maar, met je twijfel erbij die in je ene oor maar fluistert: ja maar…

Bij alles kunnen zeggen: ja Maar; dat klopt ook! Hoort erbij; en dan toch zoeken met elkaar naar de opdracht tot liefde; blijven zoeken en uitkomen bij de belofte: zo spreekt onze HEER Ik ben met je tot aan de voleindiging. AMEN

ZONDAG 7 maart 2021

GELEZEN PSALM 19.

BESTE KIJKER,

Collega Rudolf Akse heeft ons duidelijk gemaakt dat wij mensen onze geest kunnen leren kennen, door in de natuur aandachtig te zijn. Daartoe lazen we psalm 19: 1-7. Een andere mogelijkheid is om aangesproken en geraakt te worden door een lied of een verhaal of een uitnodiging. Zelf ben ik opgegroeid bij mijn ouders en grootouders met de Bijbel. Al vanaf de moederbuik hoorde ik de psalmen en hoorde ik al dit lied van psalm 19 zingen! Mijn oma zong met tranen in haar ogen, mijn vader dramatisch, en mijn moeder zong zoekend naar de juiste toon. Het lied drong door via oren en hoofd in het hart en in het lichaam. “Zijn hart wordt opgetogen, recht is des Heren woord, en louter zijn gebod, een licht voor onze ogen.’

Eenmaal geboren was de Bijbel overal aanwezig; soms heel klein in omi’s hand, dan weer heel imposant als Statenvertaling met verklaring en slot erop midden in de kerk op de kansel en in de banken der ouderlingen.

Nu kan je de Bijbel raadplegen op je mobile telefoon of iPad in talloze talen. En als je wilt in de oorspronkelijke talen. Voor de boekvorm was er deze vorm: Men nam een oude boomstam bijvoorbeeld van de acacia, de boomstam moest je uithollen; vervolgens nam men stukjes leer, netjes aan elkaar genaaid en bewerkt. En daarop schreef de schrijver de Bijbelverhalen. Zo kon je de Bijbel achterop je ezel of kameel meenemen.

Je geloof en je overtuigingen gaan door middel van je ouders, us pake en beppe of een leraar of een ander mens. De verhalen en de melodien kunnen diep in het lichaam gaan wonen. Dat betekent heilig worden.

Later – ook nu! – vraag ik me af: wat zing ik eigenlijk? Vind ik dat zelf ook? Klopt het wel? Als voorbeeld neem ik Psalm 19: 9. Daar zingt David: de tora is een vreugde voor het hart, de uitnodiging (het gebod) is helder, verlichtend de ogen.

  1. De tora als vreugde voor het hart.’Een blijmoedig hart is de bedoeling. Het tegenovergestelde is een boosaardig of een hoogmoedig hart. Deze week precies 70 jaar geleden stierf meneer Stalin aan een boosaardig hart: door zijn laatste woede-uitbarsting die hij zelf niet meer kon stoppen, die hem fataal is geworden. Ook hij had 4 uitroeiingskampen voor de mensen van deze overlevering gemaakt, in navolging van Hitler. Zo’n hekel had hij aan de tora! Stalin echter stierf aan zijn woede-uitbarsting. Vreugde is de bedoeling, een bijzondere vreugde, vreugde die ontstaat als mensen met elkaar brood en wijn delen.

Dat speciale gevoel van vreugde ontstaat als je over grenzen van vervreemding en verscheidenheid heen iets deelt. David zingt over de vreugde voor het hart. Een hart dat klopt, betekent leven. Dat het leven zich ontplooit, is de hoogste waarde van de tora. Alles opzij voor leven! Voor Levensvreugde. De tora stelt ons voor om steeds opnieuw die vraag te stellen: wat schenkt leven en levensvreugde? Wat kan ik doen om een blijmoedig hart te voelen?

  1. David bezingt dat de uitnodiging of het gebod helder is. Een uitlegger vergelijkt dat met de 2 bergen in ons leven. De eerste berg is om naar te kijken met onze ogen; die begint op school, je rapport, je CITO: ga je vooruit? De berg van de maatschappelijke ladder is dat. De tweede berg hoor je alleen met je hart. Symbolisch vertelt de Bijbel dat Mozes, Jezus en Elia en anderen vanaf de tweede berg met hun stem ons uitnodigen. De stem nodigt je uit om je te bevrijden, en stelt de vraag: wat wil je geven vanuit je hart?
  2. De Tora verlicht de ogen. Want onze ogen kunnen hun licht, hun glans verliezen. Dan zitten de tranen hoog. Je kan dan niet meer goed kijken, voelen, luisteren en denken. Onze gedachten en gevoelens maken onze ogen dof. De dofheid in de ogen ontstaat omdat wij mensen van de berg(en) kunnen kukelen. David zelf de dichter van de psalm is van beide bergen gevallen. Als koning heeft hij zijn troon verloren aan een opstandige zoon. Niets meer over van de maatschappelijke berg. Maar ook was David doof geworden voor de stem van de tweede berg, en heeft hij in een stiekum moment van begeerte iets, eigenlijk iemand voor zichzelf genomen. Toch heeft hij het wonder van vergeving en herstel gevonden; hij heeft daarover liederen gemaakt.

Beste kijker, in het afgelopen jaar van de Corona vielen we met zijn allen wat van de eerste berg! Allerlei plannen moesten we bijstellen. Een naar leeg gevoel was er soms. Tegelijk is er voor mij en voor ons iets wonderlijks gebeurd. Ook als kerk moesten we van alles loslaten. We moesten de vraag stellen naar wat dan wel? Met slechts enkelen in de bijna lege oude kerk van Ureterp of de Mande van Bakkeveen konden we een lied zingen, een gebed en een overdenking uitspreken. In de leegte, in de stilte van de kerk. Op halve kracht was onze inzet. Maar gaandeweg werden we opgetild, God vulde onze noodzakelijk karige inzet aan; alsof Christus ons bij hand neemt en ons draagt. Opnieuw ontsteekt hij het licht in onze ogen. Als gemeente kan zoiets gebeuren. Maar ook als individue, als enkeling kunnen onze ogen als het ware opnieuw verlicht worden in ons leven. Daarom wil ik u graag – tot slot – wijzen op een boek van Marga Dansen, uit het dorp waar ik woon: Ureterp. Dit boek gaat over de vraag hoe verhalen en liederen zich vernieuwen. Hoe de uitnodiging van God zich vernieuwt. Marga vertelt over de terugkeer van het licht in de ogen, in de ontmoeting met een verhaal of het lied van God. Zij zegt:

De ynhald fan dit boek is in bysunder ferhaal wurden. Sa oars as wy us minslikerwize foarstelle kinne. Mar wier bard. It kin hast net oars of jo wurde as lezer rekke troch dit bysundere ferhaal. In ferhaal sa tear as in lytse poppe dy’t jo foarsichtich fest halde meie. Kijkt u maar eens op de website:

www.maaktuallesnieuw.nl

AMEN

ZONDAG 7 februari 2021

BESTE KIJKER,

Het verhaal van de profeet Elisha en de vrouw in het dorpje Sunem richt zich op een gezin. Onze aandacht wordt als luisteraar of lezer geheel gericht op deze vrouw, haar man, en de geboorte en later dodelijke ziekte van hun kind, in contact met Elisha en zijn assistent Gehazi. De sociale en politieke omstandigheden verdwijnen naar de achtergrond.

Uit andere bronnen weten we dat toen het Noordrijk best een regionale machtsfactor was. Er is bijv een mooie zwart granieten steen gevonden in Assur, waarop koning Achab staat afgebeeld. Hij brengt geschenken naar Assur. Een voornaam diplomatiek bezoek. Wie de Bijbel leest hoort daarover heel weinig. Temeer over deze familie te Sunem. Dat doet mij denken aan het teeveeprogramma FRONTBERICHTEN. Dan kijk je even mee met een arts of iemand van de thuiszorg. Een arts op de IC afdeling die een corona-patient verzorgt.

Twee werelden zijn het. Het diplomatieke spel tussen London, Brussel, Peking ed. of een ziekenhuisbed. In ons verhaal is dat het platte dak van de vrouw uit Sunem. Zij laat haar man daar een muurtje bouwen, en een bed met lamp neerzetten. De profeet wil iets terug doen. Hij zegt: Via via heb ik contact met de koning, kan ik wat voor je doen, mevrouw…. Neen, zegt ze. Kennelijk is die afstand te groot… Een mens kan in een bepaalde bubbel terecht komen. Dan is het lastig praten met mensen in een andere bubbel. De meeste mensen zijn wel overtuigd van de gevaren van het virus, maar een deel zit in een andere bubbel. Zij zeggen: er is helemaal geen probleem.

De een wil zich graag laten vaccineren; de ander vindt vaccineren gevaarlijker dan het coronavirus zelf. Weer een ander meent: er is een eeuwige tweestrijd tussen onderdrukten en onderdrukkers: zie je dat niet? Dat is pas belangrijk. De een ziet het klimaat veranderen; de ander ziet dat helemaal niet!

Wat geeft dan nog houvast? Of hoop of moed? Meer dwang? Beter uitleggen? Beter luisteren?

Het Bijbelverhaal kiest dan een hele eigen weg om ons hoop te geven. Het verhaal wordt om zo te zeggen heel persoonlijk. Net als het teeveeprogramma ‘frontberichten’ laat het verhaal ons meekijken met een mens. Opgeschreven om ons moed en hoop te bieden. Wat vernemen we over Elisha?

  1. Bezat hij bijzondere diploma’s? Neen, wel heeft hij lange tijd gewerkt voor zijn Elia. Hand- en span diensten verricht, opdrachten uitgevoerd. Elia had hem geroepen. Kom met me mee… En Elisha was meegegaan, na afscheid van zijn ouders.
  2. Is ie heel erg goed, bijna perfect? Weet hij alles van God? Neen, eigenlijk niet. Hij zegt in ons verhaal: God houdt ook voor mij dingen verborgen. Bijv dat de zoon van de vrouw uit Sunem dodelijk ziek is. Gestorven lijkt. En Elisha wil eerst zijn leerling sturen. Maar de vrouw accepteert dat niet. Neen, Elisha, jij moet zelf komen… Elisha is dus zeker niet volmaakt of perfect, maar wel volhardend, vooral flexibel en volhardend.
  3. Elisha staat open voor ontmoetingen, in de persoonlijke contacten. Hij doet een soort wonderen die voortkomen uit persoonlijke contacten; het zijn wonderen, bijzondere gebeurtenissen, maar niet onmogelijke. De mond op mondbeademing, met lichaamswarmte, nog steeds kan een mens soms zo worden gered. Elisha moet het dubbele doen als zijn leermeester Elia. Door eindeloos volhouden is zijn karakter gevormd. Genade niet als systeem, maar een open houding: als in de maatschappij onduidelijk is wat goed en waar is, kan je altijd nog met genade werken in persoonlijke contacten: hopen op een uitweg. Op een onverwachte wending; al staat het mes op je keel, dan nog kan er een onverwachte redding komen. Zeker niet voor iedereen en altijd. Maar door zijn open houding en ervaring met genade, wordt een uitweg gevonden.
  4. Over Jezus wordt in het evangelie van Lucas vaak op de manier verteld als Elia en Elisha.
  5. Zo probeert deze reeks Bijbeleverhalen rond Elisha onze hoop en moed te geven. Niet met een rostvaste overtuiging in waarheid, in een politiek en maatschappelijk systeem. Of in wetenschap of statistiek. Als veel onzeker is zoals in onze tijd, en we snel in een bubbel belanden, prikt een figuur als Elisha de bubbel open. Elisha deelt in onzekerheden; maar hij leeft uit een soort genade van het leven zelf die wellicht de toekomst zal opendoen. Geloven en hopen kunnen uit ons leven zelf opbloeien als een genade tussen mensen die elkaar ontmoeten.
  6. Blijven hopen op de genade en op de liefde van het leven zelf met anderen, geeft de mogelijkheid om achteraf de punten te verbinden: achteraf kan je dan ineens ontdekken: God zelf draagt ons. Hij is met ons, heel genadig. AMEN.

ZONDAG 3 januari 2021

Gelezen Exodus 3: 1-6; met name vers 6: ‘En Mozes verhulde zijn aangezicht, hij vreesde God te aanschouwen.’

BESTE KIJKER,

De roeping van Mozes blijft me fascineren. Onlangs wees de overleden Rabbi Sacks erop dat Mozes zijn gezicht bedekt, uit angst en vrees de God te zien, te aanschouwen. Vers 6. Rabbijn Sacks wijst erop dat de taal van de Bijbel op twee wijzen van God spreekt. (Exodus, uitgeverij Skandalon, 2019, pp 46-51). De ene wijze is volgens het recht en de wet, dat is de strikte toepassing van oorzaak en gevolg. Op misdaad moet vergelding volgen. De andere is meer persoonlijk en intiem. God wordt ontmoet als een nabije en barmhartige persoon die zegt: ik ben bij je; en ik ga met je om in genade en erbarmen.
De God volgens wet en recht straft de misdadiger, liefst direct. Dan is onschuldig lijden van mensen onmogelijk. In de praktijk zien we wel degelijk onrecht, en soms helemaal geen straf op misdadigers. Er is veel verdriet in de wereld en boosheid om maar voortdurend onrecht. Onrecht dat zich maar herhaalt. Vele duizenden jaren was er uitbuiting in slavernij, onmogelijke ongelijkheid. Waarom? Waarom? Hoe zit dit? Nu zou Mozes de kans krijgen naar het beleid van dit onrecht te kijken; Mozes zou een inkijkje kunnen krijgen achter het beleid van Gods wet en recht en bestuur op de langere termijn. Dan zou Mozes kunnen zeggen: het lijden van mensen is logisch, bijvoorbeeld met het oog op de nieuwe hemel en de nieuwe aarde. Ik begrijp het… Mozes echter bedekt zijn aangezicht, hij kijkt niet! Waarom? Om het medemenselijke gevoel te bewaren, de empathie voor wie de pijn van onrecht voelt. Mozes wil solidair kunnen blijven met lijdende mensen.
Vele religie’s leren ons juist onthechting, vanwege de hemel. Of vanwege schijn en werkelijkheid. Filosofien en religie’s willen ons een zekere gevoelloosheid leren ten behoeve van ons heil of geluk, oid. Uit zelfbehoud. Neem niet leed van hele wereld op je!)
Mozes zal zijn werk aanvatten met voornamelijk de tweede naam van God. Ik zal bij je zijn. God met ons, in ons leven: mede-lijden, die elke traan kent en bewaart in een kruik. En die mee gaat. En stimuleert in onze strijd tegen onrecht,
Want bij de brandende doornstruik openbaart de God van Bijbel zich als JHWH. God van genade en erbarmen. Deze JHWH kan een eenzaam mens een medemens schenken. Een mens kan zich verliezen in stommiteiten of dwaasheden, maar bij JHWH is vergeving en een nieuw begin.  Hoogmoed of wellusten. Maar bij de Genadige is vergeving mogelijk, redding.  Een terrorist, gehangen aan het kruis, ontvangt vergeving na zelfinzicht.
Die ene genadige kan je een nieuwe kans gunnen.
Mozes bedekt zijn gezicht, want hij kan niet de grote lijn aanschouwen hoe de rechtvaardigheid van God te combineren is met het onrecht van in deze wereld! Mozes is bang, want hij als leider zou weten en inzien dat allerlei onrecht en lijden en verdriet moet gebeuren, want uiteindelijk komt het heil en de vrede. Zoiets heeft echter een prijs: een mens die allerlei wreedheden kan verduren, verliest gevoel en compassie, mededogen. En dat wil Mozes niet. Hij bedekt zijn gelaat bang om God te zien, met God mee te schouwen hoe allerlei onrecht en wreedheid geschiedt. Rabbijn Sacks geeft daarmee een wijze uitleg.

Er is echter een tweede aspect toe te voegen.
Want op een later moment in het leven van Mozes gaat zijn aangezicht licht geven, stralen. Het vuur van de doornstruik gaat als het ware stromen in zijn bloed, in zijn ogen, in zijn gezicht. Dan houden mensen afstand, zijn ze zelf bevreesd voor de glans op zijn aangezicht, als Mozes de torah, de aanwijzingen ten leven geeft. (Exodus 34: 29 vv.) Nadat hij de 10 woorden heeft stuk gegooid, nadat hij opnieuw 40  dagen op de berg was bij God; en nadat hij vergeving wilde afsmeken voor de angstige feestmakers de hebreeuwse slaven. Hij komt met een tweede versie van de torah, hij verneemt van verre Gods weg.  Na dat alles straalt zijn eigen gezicht. Zo krachtig, dat mensen aanvankelijk huiveren… onder indruk zijn, en vragen of hij zijn gezicht wil bedekken vanwege de glans.
Mozes ogen blijven stralen en de toekomst van recht en genade zien als een werkelijke belofte. Op de grens van het gegeven land van belofte zegt God : Mozes heeft mij wel aanschouwt, later. En tot zijn dood bleef Mozes kijken, zijn ogen waren lichtbrengers! (Deuteronomium 34).
En dus zou ik iets willen toevoegen aan wat rabbijn Sacks uitlegt. Mozes werd uitgenodigd om aan een groots project mee te doen. Hij voelt een roepstem in zijn leven, bij de brandende doornstruik. Zijn naam wordt geroepen, en hij antwoordt: hier ben ik. Wat is dat project? Mensen die in duisternis, slavernij, angst en onderdrukking leven een uitweg bieden. Mensen vertellen dat de God van Abraham hen in hun lijden ziet en hoort. Evenals aan de oppermachtige farao vertellen dat de tijd voor verandering is gekomen. Uit het vervolg weten we dat Mozes twijfelt, angstig was, allerlei bezwaren voelt opkomen. Hij had als schoonzoon net zijn leven op. En nu dit…grootse project?
Mozes slaat de ogen neer. Hij bedekt zijn aangezicht in verootmoediging. Hij vreest als hij ziet wat voor hem ligt, en als hij ziet hoe Abraham met God gewandeld heeft: dit bedekken van zijn gezicht is een gebaar van bescheidenheid, van een overweldigend besef: hoe zal ik hierin passen? Van verlies ook: Mozes heeft net een mooi leventje bij schoonpa gevonden, als een prins, gehuwd met een prinses…. En nu brandt daar een vuur in de doornstruik dat zijn naam twee keer roept. Hij doet zijn schoenen uit en hij voelt zich staan op heilige grond.
Wij staan aan begin van het nieuwe jaar. Heel veel komt er op ons af: Hoe zal ons eigen leven zijn? Hoe van onze kerk-gemeenschap? Hoe zal onze maatschappij en ons land zicht houden? Omkijkend naar 2020 nemen we grote opdrachten mee het nieuwe jaar in: Groningen, toeslagen, Pfas, Stikstof, klimaat, vaccineren, ziekenzorg, asyl-zoekers. Ja er zijn wetten, regels, burocratie, maar het lijkt soms een moeras. Hoe gaan we verder?
Laten ook wij nu ons gezicht bedekken voor even aan het begin van dit jaar 2021; er komt zoveel op ons af. Tegelijk willen we als gelovigen in recht en vrede voor allen niet weglopen voor onze verantwoordelijkheid. Maar een bescheiden gevoel is behulpzaam, zelfs noodzakelijk. Om stap voor stap te gaan zo aan het begin van het nieuwe jaar. In het dagelijkse stapje ligt een weg van verlossing.
Na Abraham en Sara, na Mozes, na Jezus, herhalen we: het vuur brandt nog. We horen onze naam noemen en weten: zo zijn we dragers van de zegen die ook een zegen wil zijn voor alle mensen!
Mozes bedekt zijn gelaat, in bescheidenheid ten opzichte van zijn roeping. Zijn eigen hart, verstand en ziel zullen mee gaan doen, maar vele remmingen en obstakels zijn mogelijk.
Nadat de wijzen uit het Oosten bij Jezus op bezoek zijn geweest, gaan zij via een andere weg terug. Want koning Herodes wil geen troonpretendenten en concurrenten. Hij wil alleen heersen! In zijn familie heeft hij allerlei ooms, neven en broers onschadelijk gemaakt. De wijzen reizen via een andere weg terug naar huis. Zij vertellen van het licht, van de ster, van het kindeke Jezus, van de belofte van licht en zegen voor alle volken. Ook wij zullen andere wegen gaan als het nodig is, opdat het vuur in onze ogen zal gaan branden , vuur van Gods liefde.

Jak Verwaal

OUDJAAR 31 december 2020

BESTE KIJKER,

Ga nu heen, in het Latijn de naam van dit lied van Siemon: Nunc dimittis. Het betekent ‘Laat mij nu in vrede gaan.’ Siemon zingt in zijn lied dat hij vrede vindt, en hij geeft aan waarom hij vrede heeft gevonden.
Waarom heeft hij vrede gevonden? Waarom is dat passend voor oudjaarsavond 2020? Voor ons nu?
Wat kan worden bedoeld met in vrede gaan?
De term ‘in vrede gaan’ komt vaker voor. Er zijn zelfs twee varianten: naar de vrede gaan en in vrede gaan.
Bijvoorbeeld in 1 Samuel 1:17 staat ‘naar de vrede gaan’. Een hogepriester ziet een vrouw – Hanna heet ze – met haar lippen bewegen. Na een gesprek wordt duidelijk dat deze vrouw moeder wil worden. Ja ze heeft een man die van haar houdt, heel veel zelfs. Maar een kind haar armen om voor te zorgen, dat komt uit de diepten van haar hart. En nu zegt de priester: je hebt je diepste verlangen uitgesproken, ga naar de vrede: je zal een levensweg vinden, waarin op een of andere wijze dit diepe verlangen van jou gezien en gehoord zal zijn – door God.
De uitdrukking ‘In vrede gaan’ gebruikt bijvoorbeeld Jakob, als hij is weggevlucht van zijn broer. Hij droomt van de ladder, van de beschermengelen. Hij moet alleen op pad. Maar hij weet van binnen: ik zal in vrede terug keren naar deze plaats, met de ladder en met de beschermengelen. Dat wil zeggen dat hij de bereidheid heeft om de gevolgen te aanvaarden van de ruzie, en waar mogelijk bereid is tot vrede stichten. Zo ook ene Jefta. Hij moet een conflict uitvechten. Hij neemt zich voor in vrede terug te keren.
‘In vrede’ gaan betekent zo iets als recht in de ogen willen kijken. Niet hoeven veinzen of de schijn ophouden – laat staan liegen of bedriegen; maar in vrede van binnen de levensweg vervolgen. Paulus zegt dat mooi: houdt de vrede met de mensen in je omgeving, voor zover het van jezelf afhangt.

Laten we dit toepassen op deze avond 31 december 2020. Op oudjaar is dat mooi van toepassing. We kunnen stil staan bij een conflict of een openstaande rekening. Daarbij kunnen we vaak de ander niet dwingen om water bij de wijn van het eigen grote gelijk te doen. Jakob weet dat hij vanuit zijn vertrouwen en geloof in Gods beschermengel, terug zal keren met de bereidheid te herstellen. Soms is het geduld, soms een klein geschenk, soms is het ‘een slap’ excuus  aanvaarden of de ander het grootste deel van het gelijk gunnen!. Maar als we daarmee in vrede het oude jaar kunnen loslaten, schenkt dat ons een vredig gevoel. Ter wille van de vrede in ons denken en voelen.
In de lofzang van Siemon geeft Siemon zelf aan waarom voor hem een moment van vrede is gekomen. Zijn ogen zien iets in het kindeke Jezus in de armen van Maria en Jozef. Siemon ziet in het kindeke dat aan oude beloften nog altijd gewerkt wordt. De oude beloften dat niet het verleden de dag van nu bepaalt en heden de dag van morgen. Maar omgekeerd: de toekomst bepaalt het heden. Gewoonlijk is er eerst de oorzaak, dan het gevolg. Eerst de lucifer, dan het vuur aan de kaars. En niet eerst het vuur, dan de lucifer.
Merkwaardig is dat voor zover een mens iets van geloven ontdekt, de oorzaak wel uit de toekomst komt. Een mens kan iets zien, bijv in de stenen en het dorre zand een prachtige tuin met bomen, planten en water en mooie beelden erin. Na tien jaar werken wordt het gevolg van de oorzaak, het visioen van de mooie tuin te bewonderen: de tuin is er!
Nu vernemen wij van Siemon ook zoiets. Hij ziet alle volkeren met een licht, in het licht: allemaal iets unieks te geven aan deze mensenwereld! (naar Jesaja 49: 6 licht als openbaring voor de volkeren). En ook ziet hij eer voor het volk Israel. (zie bijv Jesaja 46: 13 Glorie voor uw volk Israel). Ik hoef u niet uit te leggen dat ook nu weer de eigennaam Israel niet zo glorierijk of eervol klinkt voor de oppervlakkige volger van het nieuws; niet anders dan 4000 jaar geleden bij Abraham of 3000 jaar geleden bij de Farao.
Maar Siemon ziet wel de eer van God als de God van Israel. Hij ziet wel een licht voor alle volkeren. Hij ziet in de geboorte van het kindeke Jezus een ‘gevolg van dit visioen.’ In de taal van de Bijbel een vervulling. Het kindeke Jezus is een moment van vervulling van het visioen. Er zullen nu zeker nog vele vervullingen volgen. Daarom zingt hij van ‘in vrede gaan’.
En wij? Wij bidden op deze avond dat ook wij in vrede het oude jaar loslaten. Dat ook wij een innerlijke vrede zullen ontvangen want wij maken deel uit van het gevolg en van de oorzaak, van de vervulling. Wij mogen zien, vooruit zien want ook in het nieuwe jaar zijn wij dragers en zingers van het lied van Siemon. We zingen – soms aarzelend – met Siemon mee: laat ons in vrede gaan in 2020, en naar de vrede gaan in 2021.

Vanzelfsprekend geeft deze weg van vrede ons gepaste vreugde!
Jak Verwaal

KERST 25 december 2020

Evangelie van Johannes 1:1
In den beginne van het woord. In het woord was leven en het leven is het licht voor de mensen…

Wat verwonderlijk toch om ieder jaar weer dit evangelie als kerstverhaal te horen. Gisteravond het beroemde verhaal van de stal, waar het kindeke Jezus als WOORD van God wordt geboren.
Vanmorgen horen we de meer dichterlijke of diepzinnige woorden: In den beginne was er het woord. Het woord, daar is ook bedoeld: het spreken, de communicatie, de taal, de talen, de informatie, zelfs ook programmeertalen, de code, de formule.
In alle – anorganische – dingen om ons heen en in alle – organische – vormen van leven blijken talen te zitten. Mensen ontdekken tot op de dag van vandaag het woord – de logos –  in de ‘natuur’.  Je kan er om zo te zeggen mee praten. Niet alleen mensen hebben talen ontwikkeld met elkaar te praten, ook met de dieren kunnen mensen communicatie ontwikkelen. De ene mens blijkt met bijv koeien te kunnen praten, lezen en schrijven. Ziet of de koe het goed maakt, waarom en wat het loeien, de staart, de oogopslag etc betekent. Frans de Waal en Jane Goodall hebben communicatie met apen onder woorden gebracht. Maar hetzelfde geldt ook voor de bloemen, de bomen en de planten. Nu blijkt dat deze woorden uit het evangelie als een diepe intuitie in de moderne wetenschappen  uitgewerkt te worden in alle dingen om ons heen. In alle leven zit informatie, programma’s, code’s (DNA, RNA) en die je kan ontcijferen. Te omschrijven als allemaal talen, als woorden. De alleroudste is de taal van het licht; als een golf of als een afzonderlijk deeltje de foton. Het licht heeft altijd en overal dezelfde snelheid. Die snelheid is absoluut en daardoor een houvast voor ons mensen de waarnemers de luisteraars van dit ‘eerste ‘woord. Licht als deeltje kan gaan klonteren, wordt waterstof, wordt weer Helium. En zo verder, maar allemaal nog in zich bewarend het licht, dat zich in cirkels beweegt uit het niets.
Zelfs het leven zelf spreekt een ongelooflijke wonderlijke taal. Want in de celkern zit een taal, een code, zit een informatie. Het DNA. De informatie en programmeertaal van het leven zijn als het ware honderden computers in een cel! Voor mij is dit nog altijd even verbijsterend als wonderlijk. Een woord, een code, een stolling van licht die vlees en bloed wordt.
Van jongs af aan is mij dat door mijn ouders en grootouders geleerd: ontdek en leer en verwonder je! Ontdek de talen van de mensen, de wetmatigheden in de natuur, in boeken, in de schoonheid van muziek. muziek is een taal een spreken, zang, een goed boek.
Ontdek want ontdekken is een vorm van genieten van Gods schepping.
Het begint al met een heerlijk stuk fruit; of met smaakvol en voedzaam eten. Het meest essentiele in deze corona-tijden is en moest blijven: dat wat we eten: Of een slokje heerlijke wijn: je proeft, je geniet; je ontvangt voedingsstoffen, vitamines, protiene, en je lichaam ontvangt kracht, er komt een signaal naar ons bewustzijn: van smaak: een heerlijke smaakervaring.
Wat betekent dit? Nu is er een hele oude tweestrijd die tot de dag van vandaag voortduurt. De strijdvraag is: wat betekent het dat wij mensen in alles een taal, een spreken en woord, een code, wetmatigheden, licht en informatie vinden? De ene partij zegt: Niets! Het is er. Klaar! Punt uit.
De andere partij – zoals Johannes en ik zelf meent: Het woord, het Spreken, het licht in alle dingen, is van die ene bron. Met verschillende benamingen noemen we die de Eeuwige, de Schepper, De gever, de ene God! Die is, was en zijn zal. In alle dingen zit taal, dat mij dat ons aanspreekt! Altijd en constant!
Het risico van mijn partij is dat die te hoogdravend en hoogmoedig kan worden. Steeds is er de verleiding, o ik weet wat God zegt. Andere mensen moeten we dwingen en dringen en de waarheid opleggen.
Het risico van de andere partij is laagmoedigheid. Die laagmoedigheid uit zich in kleinerende taal (reductionisme). De mens is niets anders dan… het brein, overlever, lust en genotzoeker, de genen, en nog veel meer. Alles is toevallige natuur.
Voordeel van mijn partij is: er is altijd wat te luisteren, te leren, te genieten, te verwonderen, te delen, te geven, te vergeven; de taal om vergeving te vragen, steeds weer bij te leren in de taal der liefde! Te hopen op vernieuwing van onszelf, ons samenleven. Om de  taal van het geloof te leren dat deze aarde vernieuwd zal worden in gerechtigheid. Dat ik na het eten van een smakelijke maaltijd de zegen uitspreek: Gezegend zijt Gij Here, onze God die het voedsel uit de aarde doet voortkomen…!
Ik hoor in alle dingen en zie in alle dingen een woord van God, een taal, die me uitnodigt om te luisteren. Hoor/luister, Israel. Om te antwoorden, en dus om verantwoordelijkheid te nemen voor mijn leven en deze schepping.
Het nadeel van de ‘het is nu eenmaal zo’ mentaliteit kan zijn cynisme. Die houding wordt vaak zo vreugdeloos, kunnen niet meer verwonderen of genieten. Er sluipt ongemerkt een ondankbaarheid in of een bitterheid die eindigt in cynisme: er is geen enkele