ZONDAG  17 mei 2020

In de bepalingen wandelen… Leviticus 26

Beste kijker,
Op 2 plaatsen in de 5 boeken van Mozes wordt de taal van Mozes erg dreigend. Na een korte beschrijving van de positieve gevolgen als we de opdrachten aannemen (Leviticus 26: 3-13), volgt een veel langere bedreiging: De woorden van Mozes spellen onheil bij hoogmoedige weigering de opdrachten van de naasteliefde toe te passen (Lev. 26:14-44 en Deuteronomium 28: 1-14 en 15-68). Deze dreigende taal wordt nooit voorgelezen in de kerk, en in de synagoge alleen op zachte toon. Maar hebt u het gehoord? In deze tijd van Coronaviruscrisis moest Rutte bij herhaling ons op teevee streng toespreken. Blijf binnen, geen grotere groepen, houdt afstand en handen wassen!! Houdt u aan deze bepalingen, anders volgen er rampen: de zorg raakt overbelast, te veel mensen kunnen ziek worden zonder goede ziekenzorg! Pittige geldboetes en gevangenisstraffen worden opgelegd bij overtreding! Een brommende burgemeester met de naam Brul onderstreepte de woorden. De taal werd ineens heel bijbels, alsof Mozes zelf sprak!

Daarbij kwam nog een tweede les. Inderdaad, de meeste mensen deugen (Rutger Bregman) en volgen de aanwijzingen, om met elkaar de crisis te doorstaan. Tegelijk zijn er altijd een uitzonderingen. Niet velen, maar wel druktemakers die overtreden en zo een gevaar vormen voor anderen. Dan moet de goedwillende meerderheid er vanuit kunnen gaan dat deze overtreders snel worden gecorrigeerd; aangepakt door de politie en burgemeester Brul.
Anders brokkelt het vertrouwen af, wordt het ieder voor zich met grote kans op strijd, wantrouwen, angst en achterdocht. Mozes gebruikt hiervoor zelfs een woord dat hij 7 maal gebruikt. Het is moeilijk te vertalen en betekent zoiets als impulsief en bij herhaling (qeri); of hardnekkig arrogant. Eerst is er impulsief een overtreden van de aanwijzing, vervolgens bij aanspreken door medemensen of politie is er een smoes, een excuus, en herhaalt het negatieve gedrag zich.

Dit gedrag kan soms bij alle mensen wel eens voorkomen. Op onverwachte momenten, ook als het geen crisis is. Paulus zegt dan: ik heb altijd in mijn hoofd de beste voornemens en de mooiste ideeën, alles is genade en liefde en vriendelijkheid; en toch plopt er opeens de kleine driftkop in mij naar buiten en maakt ik een onverkwikkelijke ruzie! Petrus, Jacobus, Barnabas, in talloze synagoges en anderen…  Petrus zegt dat dan ook: wat is die Paulus een ruziezoeker…wat  is hij een moeilijk mens zeg!!
Zelf vind ik nu voor mij het omgekeerde; dat goed en helder spreken een uitdaging vormt. Een beetje mee praten, niet helder genoeg, en een enkele keer weer te scherp!
Ik denk dus dat we allemaal wel iets hebben…
Hoe hiermee om te gaan?

  1. Mozes in Lev 26 is dan een bemoediging en een troost. Hij legt uit dat wij binnen het verbond altijd mogen vertrouwen op de relatie met ‘God’. Mensen , ik heb geduld met jullie een leven lang; binnen het verbond! Als je oplet zul je meevallers en tegenvallers ervaren. Ga dan op naar wat werkt en naar wat een negatieve feedback is. Ook zo’n negatieve feedback is toch positief, want zo kan je iets corrigeren.  Aanvaard dit verbond als ook een vorm van beloning en bedreiging. Aanvaarding en bevrijding. Op een gegeven moment mogen we de tijd van slappe smoesje en excuses loslaten. De beloning is mijns inziens vooral een vorming van je karakter. Dat noemt men tegenwoordig het opbouwen van zelfrespect. (Lev 26: 13 noemt het ‘rechtop gaan’).
    In onze tijd wordt de enige bron van morele kennis vaak gevonden in ‘slachtofferschap’. Kennis van goed en kwaad kunnen we dan halen bij slachtoffers. Nu in deze coronacrisis  zou de motivatie voor de zelfbeperkingen van de quarantaine zijn alleen omwille van de zielige zwakkere ouderen of andere mogelijke kwetsbaren. Dat is zeker van belang, maar uiteindelijk leidt slachtoffer-denken tot een tweedeling: sterken en zwakkelingen, ouderen tegenover jongeren; armen tegenover rijken, wit tegen zwart; man tegenover vrouw etc. Leven wordt dan strijden en oorlog voeren.
    Binnen de verbond is er een andere bron van morele kennis; Er is een verbond met het oog op naastenliefde als voor jezelf. Deze opdracht nodigt iedereen binnen het verbond uit om mee te doen. Antwoord te geven en een keuze te maken. Deze keuzevrijheid schept verbondenheid, acht  zelfontplooiing mogelijk, en ontwikkeling, wil problemen oplossen met elkaar, een ieder mag mee praten, schept en ruimte en vrijheid, en zal zo overvloed scheppen en delen, nieuwe kansen gunnen.
    Niet meer denken in tweedelingen van slachtoffers en daders, naast onverschilligen…
    Maar zoekt vooral omkeer en  wil groeien in liefdewerken; en ja wie buiten het verbond raakt, en hoogmoedig impulsief doorgaat, ondervindt correctie… Uiteindelijk zoekt het verbond de inbreng van een ieder, met elkaar kunnen we het redden.
  1. Jezus geeft daarvan een haarscherpe definitie. Stap voor stap in je leven kunnen wij de geest der waarheid ontvangen. Gaat niet even snel, zo we hebben de waarheid in pacht…
    Belofte en dreiging zijn in verbond daarin noodzakelijk: een eeuwige stem spreekt tot ons persoonlijk in wat wij doen: Ik hou van je als volwaardige mensen, ik heb een leven lang geduld met je en ik laat je – dag voor dag en stap voor stap – delen in mijn waarheid. Weet dat daarin een betrouwbare troost voor je hart te vinden is.

ZONDAG  10 mei 2020

OVERDENKING

Geloven en werken doen die Jezus deed… (naar Johannes 14: 12)

Beroemde woorden zijn het geworden in onze traditie: in huis mijns Vaders zijn vele woningen. En vele malen heb ik deze woorden mogen toepassen bij mensen die zich voorbereiden op het einde van hun leven. Langzaam dringt het besef door dat een mens – weliswaar stapje voor stapje – van alles moet loslaten, dat veroorzaakt vaak angst en verbijstering. Maar deze woorden uit het evangelie: er is een huis van de vader met plaats voor velen, want vele woningen zijn daar – geven bijna altijd een moment van troost. Ze bieden uitzicht op een huis, een thuis zelfs, waar plaats genoeg is, ook voor een mens die met lege handen aanklopt, die worstelt met het loslaten van familiebanden, van aardse bezittingen of verdiensten, ja, uiteindelijk van je leven …
Deze zelfde woorden hebben ook voor veel debat – en ook strijd – hebben gezorgd. Jezus zegt: ik ben de weg, de waarheid en het leven, Niemand komt tot de Vader dan door mij… (14:6). Deze woorden gaven aanleiding om de waarheid als een absolute mening of een heilige geloofsovertuiging in bezit te hebben. God bereik je dan via deze mening! Dan heeft iemand de waarheid in pacht, en de toegang tot het hiernamaals. Symbool daarvoor zijn twee sleutels. De sleutel van de ware zuivere ‘kerkdeur’ op aarde en de sleutel van de deur van de hemelpoort. Als predikant op de Hollandse eilanden heb ik aan het ziekbed of in de woonkamer de angst van mensen gezien. Ze worstelen met de vraag: heb ik de sleutel van de geloofswaarheid? Ben ik op de goede weg? Zal ik eeuwig leven?

Nu wil ik de woorden van Jezus verbinden met de actualiteit. Van de Corona-crisis. Vandaag de dag is van alles onzeker geworden… dwars door alles heen heeft de corona alles onzeker gemaakt. Wetenschap, techniek, financiën, economie, de statistiek met de kansberekening van Jaap van Dissel en de zijnen wordt constant ondervraagd, en steeds is het antwoord: we denken misschien de helft te weten… We zijn onzeker en toch moeten we beslissingen nemen… Onze kerk zegt met de beste bedoelingen: Oefen maar met de kerkdienst voor minder dan 30 mensen.. Oefenen? Risico nemen met mensenlevens? Ja dat is nodig, maar tevens een uiting van de onzekerheden.
Hoe kunnen we niet al te bang worden in deze onzekerheden?
Dwars door alle plannen en begrotingen heen is een grote stoorzender gegaan. Men noemt dat een zwarte zwaan die dwars door alle plannen en begrotingen heen vliegt en verstoort…
Hoe niet al te bang worden in onzekerheid? Het evangelie reikt 2 hulpbronnen aan.

  1. Geloven, vertrouwen. Dat betekent nu in deze tijd het aanvaarden van onzekerheden, en toch een weg gaan. Rab Jonathan Sacks zegt: is dat niet geloven?: leven met onzekerheden en toch gaan.
    De tekst speelt met woordje huis des vaders. Abram en Sara gaan op weg uit oude vertrouwde zekerheden. Hun land, hun afkomst, hun familie, en gaan op weg in onzekerheid… Zij verlaten schijnzekerheden.
    Toch is het eigenlijk niets nieuws. Het verhaal van Abram en zijn vrouw zijn ons juist verteld omdat oude zekerheden altijd verdwijnen, steeds weer. Ga op weg uit je land, richt je niet op je afkomst en verlaat je vaderhuis, dat is eigenlijk normaal…Jezus weet dat heel goed. Daarom bereidt hij zijn vrienden voor. Nu ben ik er nog voor jullie, als rabbi, zelfs als waarheid, weg en leven; maar binnenkort ben ik er niet meer. Ik ga heen naar het huis des vaders.
    En jullie gaan verder, maar zonder mij …
    Hoe? Volledig van slag? Wanhopig? Angstig? Volledig uit balans…Ja! Toch wel onzeker, en soms heel angstig is dat…
    Maar in mijn leven heb ik vaker onzekerheden gevoeld, ontdekt dus dat ineens de grond waarop ik sta drijfzand kan zijn… Help ik zink weg, dacht ik…
    Hoe dan verder? Er was zeker angst; en dan toch verder gaan, dat is geloven, vertrouwen. Merkwaardig dat alles kwijtraken de mogelijkheid heeft om vertrouwen te vinden in je levensweg. Vertrouwen aldus op de Ene met iedere volgende stap. De God van Abram en Sara, de God van Jezus. Opeens is er de ontdekking: Ik leef: mijn bloed stroomt, mijn ademhaling, mijn gedachten, wisselende gevoelens stromen, Het leven zelf is een groot geschenk: een ongehoord wonderlijke genadegave. Zelfs de regen is een groot wonder genadegave…
  1. Je kan werken Gods doen… Zelfs meer dan Jezus deed. Wat is dat bemoedigend! Als Jezus tot zijn vrienden zegt: ik heb er vertrouwen in dat jullie aan de slag gaan! Met de werken Gods. Wat zijn werken Gods? Vanuit je mogelijkheden voor de mensen om je heen, voor je land en voor de wereld. Werken doen, In de aanwijzingen ten leven van Mozes worden ze volop genoemd. Die zijn nog altijd maatgevend, normatief. Wat mij betreft. Zo begint het evangelie van Johannes (1): de tora is door Mozes gegeven, die we mogen vullen en toepassen met genade, met leven, met waarachtig

Iets positiefs doen: een boom planten, of een kaartje sturen, of wat ons maar past.
Het vertrouwde huis van gisteren verdwijnt, maar het huis van God voor Israël en alle volken is al klaar, wij kunnen nu al iets daarvan laten zien. Laten we meedoen.

ZONDAG  3 mei 2020

OVERDENKING BIJ JOHANNES 10:1-10

Beste kijker, luisteraar,

De goede herder, deze eretitel wilden koningen, keizers, bisschoppen en anderen in leidinggevende posities graag ontvangen: je bent een goede leider!
Een goede herder /leider kan goed leiding geven aan het bedrijf, de gemeente, een kerk, etc. Juist in onze dagen van de corona-crisis is goed leiderschap van essentieel belang: zo houden we vertrouwen in de toekomst, in de dag van morgen. Nu moeten we nog over een nauw pad, zoals een bergbeklimmer soms langs een ravijn moet lopen over een smal paadje, iedere stap is belangrijk! Om weer een veilig en goede weg te vinden, zoals de goede herder de kudde leidt naar een groene weide of naar zoet en helder water.

Jezus vergelijkt zo de goede herder met een deur die naar de toekomst openblijft. Wat belangrijk dat de beslissingen die worden genomen zijn bedoeld om veilig en wel de dag van morgen tegemoet te zien, toekomst en hoop te houden.
Wat is ervoor nodig om hoop op de dag van morgen te houden? Er zijn heel veel redenen te verzinnen met ons verstand om eerder met zorg en angst vooruit te kijken… De bedrijven dan? Kan het virus weer de kop opsteken? Werk en inkomen? Jongeren en ouderen?
Zelfbewust zegt Jezus, ik ben de goede herder, ik ben de deur naar de dag van morgen; bij mij is er hoop en toekomst!
Ik vraag me af: wat is er dan zo goed aan deze herder? Dat de deur bij hem open is naar de dag van morgen?

Merkwaardig is bijvoorbeeld dat de bijbel vertelt, in het Johannes-evangelie dat Jezus wegloopt als de mensen hem koning willen maken! Jezus zorgt voor brood en voedsel zekerheid, maar als de mensen zeggen ‘word onze koning!’, dan vlucht hij weg! Ja zelfs nog meer dan dat: tegen zijn 12 vrienden zegt hij: gaan jullie ook maar weg! Zoek je eigen weg. (Aristoteles deed het omgekeerde; zijn leerlingen betrapten hem terwijl hij misbruik maakte van slavinnen. Blijf gerust mijn leerlingen, zei hij, want mijn ideeën en woorden zijn wel waar).
In een ander evangelie zijn de 12 discipelen ministerposten aan het verdelen, voor het geval het hemelse koninkrijk of de staat Israël onder leiding van Jezus wordt hersteld. Maar Jezus zegt: hou daarmee op; ik ben nog als een lerend kind, en jullie ook. Voorlopig geen ministerposten dus!

De eerste les van deze goede herder schijnt te zijn het terug deinzen voor leiderschap over andere mensen. Worden als lerende kinderen!!  Wie zich niet als lerend kind beschouwt, is al snel een rover of een dief…op zijn best een betaalde een huurling…
Nou, hoe vaak hebben we niet gehoord: we zoeken een leider met 5 poten, met enorm charismatische mond, die vooruit weet dat enorme welvaart en rijkdom, geluk en eeuwig leven met schone natuur net om de hoek op ons wachten! Geen vragen stellen, maar volgen. Dat liep vaak op een teleurstelling uit.
Een deur is een goede leider. Als een deur: om door naar binnen te gaan en om door naar buiten te gaan. Naar binnen om te overnachten en ’s morgens naar buiten om hard te werken…
Ik heb een keer een uitvaartdienst geleid van een oude moeder. Haar kinderen vertelden alleen maar positieve verhalen over hun moeder. Haar man was eerst landarbeider, later in de vlasfabriek van ’s-Gravendeel werkzaam. Zij had geen betaalde baan. Maar alle zes de kinderen hadden alleen maar lof. Via familie en kerk was ze bedreven in punten en zegels sparen. Met ruilen, naaien en koken was er voor de kinderen op zondag na de kerk iets lekkers, op verjaardagen iets leuks, evenals met sinterklaas of met feestdagen. Niets geen aanmerking? Vroeg ik? Neen niets. Een goede herderin was ze, zogezegd, als een deur voor haar kinderen: fijn thuis komen in de avond en fris aan het werk gaan in de ochtend.

Zo kunnen we ook verhaal van de bruiloft te Kana lezen. Een mooi bruiloftsfeest was het. Het bruidspaar met een prachtige dag, de familie en vrienden waren blij, alles was goed afgelopen, de ceremoniemeester wist zich nuttig, er was voldoende eten en bovenal het symbool van de vreugde: veel goede wijn! Een overvloed aan goede wijn! Zonder kater en nare dronkenschap of nare ruzies… Eigenlijk was iedereen een deur voor elkaar. Met hoop en goede moed voor de toekomst.
De goede herder en de deur, ik vertaal deze gelijkenis zo: waar mensen zich inzetten om leven en overvloed van leven voor elkaar scheppen, daar zijn zij als herder en deur voor elkaar.
Nog iets over dat woordje overvloed. Dat woordje treffen we vaker aan in NT. Bijv Matt 5: 20 en 47. De gemeente zoekt als doel het meerdere of het overvloedige. Bijvoorbeeld overvloedige gerechtigheid. Mattheus 5: 47 wijst op de mogelijkheid niet alleen bekenden of vrienden te groeten. Bonhoeffer zegt: dat is Jezus zelf. Van Gennep: via het kruis redt God het vege lijf, daarna volgt de opstanding, dat is het overvloedige.
Lev. 19 geeft twee voorbeelden van overvloed. Je komt wonen in een land met vruchtbomen, en toch plant de nieuwe bewoner zelf ook een vruchtboom. Je woont in een land en een goedwillende vreemdeling wil bij je wonen: aanvaard haar of hem; (wijs overigens kwaadwillenden af, autochtoon of vreemdeling.)
Nu is de opdracht om te troosten en bemoedigen, tevens om plannen voor morgen te maken. Dat is een vorm van verantwoordelijkheid, in de zin van goed herderschap. We willen geen toeristen of gasten zijn die als het ons niet naar de zin is, onze handen ervan af trekken en verder trekken. We hebben er lol in om rentmeesters te zijn van wat ons is toevertrouwd, tevens om deuren of kanalen te zijn voor het overvloedige , zoals voor de beste wijn op de bruiloft te Kana.

ZONDAG 26 APRIL 2020

OVERDENKING NAAR AANLEIDING VAN DE NAGEDACHTENIS DIETRICH BONHOEFFER

VOORAF
Dezer dagen staan zowel in het teken van de corona-crisis, als 75 bevrijding van de NAZI-tyrannie. Vanmorgen staan we stil bij het leven en sterven van Dietrich Bonhoeffer, die 75 jaar geleden, daags voor de algehele overgave van het Naziregime werd vermoord, in persoonlijke opdracht van de tyran Adolf H. zijn naam zij een vloek, op 9 april vermoord in concentratiekamp Flossenburg. Want Bonhoeffer bood weerstand vanaf 1933 en gaf in 1944 goedkeuring aan een aanslag op Adolf H. Bonhoeffer was predikant in de Lutherse Kerk van Duitsland. Hij is geboren 1906 in Breslau. Daarmee is Bonhoeffer een exacte tijdgenoot van de Groninger dominee August Henkels en zijn makker Hendrik Werkman, die wij als It Keningsfjild gedenken met het kunstwerk ‘de vallende man’ in de Mande.
Deze predikanten, met kunstenaar Werkman hebben op beslissende momenten de goede keuzes gemaakt, ja achteraf beoordeeld. Op het moment zelf was de meerderheid van kerk en samenleving op een ander spoor. Berucht is de Lutherse Kerkendag in Dresden in 1937. Daar werd Adolf H. enthousiast als nieuwe verlosser bezongen en aanbeden. De kerk was gezuiverd van alle Joden, Jezus werd tot raszuivere arier omgebouwd, de bijbel en liederen werden veranderd: woorden als Israel, Zion, Jeruzalem of heil uit Joden werden geschrapt.

Mijn vraag is hoe maakten Henkels en Bonhoeffer hun keuzes?
Wie is Bonhoeffer? Wie ben je?

Ellie leest Johannes 21, met dezelfde vraag…

Hoe komen Bonhoeffer en Henkels/Werkman tot hun keuzes?
Bonhoeffer is geboren in de hoogste kringen van de Duitse maatschappij. Zijn tweelingzus vertelt over hun onbezorgde jeugd, met kindermeiden, keukenmeiden en ander personeel. Vader is professor, arts en psychiater. Hij kan met een oogopslag het huis regeren. Moeder is onderwijzeres, houdt ieder kind in het oog. De eerste persoonlijke keuze van Dietrich wordt zichtbaar bij de Konfirmation (12-14 jaar; overstap). Hij heeft contact met predikant om de Bijbelstudie, doet belijdenis, en wil iedere zondag kerkgang. Alleen zijn moeder gaat met hem mee. Hij zet door, gaat theologie studeren in Tuebingen en Berlijn. Al kunnen zijn vader en broers er niet in mee…. De kerk is toch in verleden tijd, wie doet de deur dicht? Voor Bonhoeffer breekt de tijd aan van studie, doceren, congressen, conferenties en prediken, ook in plaatsen als Barcelona, London en New York. Hij vindt het boeiend, interessant, mooi en enerverend. Dan komt er een tweede keuzemoment. Met Adolf H. breekt de kerkstrijd los in 1933. Meedoen met H. of niet? Iedereen moet kiezen. Bonhoeffer kiest voor de kerkgemeente die in openheid en vrijheid luistert naar Jezus Christus, in lijn met Mozes de profeten, naar het Woord van de Levende God. De bekennende Kirche ontstaat met een Predikant -NotVerband. Zo wordt Bonhoeffer rector van de opleiding tot predikant.

De kerkstrijd is het laatste oordeel van de jongste dag, zoals in Openbaring en elders wordt beschreven.
De neerslag van zijn gesprekken en spreken in Finkenwalde met de predikanten in opleiding heet Leven met elkaar. Hij gaat bijv in op enkele klagende predikanten tot God en elkaar over hun werk. Bonhoeffer reageert streng: geen geklaag, nimmer.

  1. Luister naar God, lees je bijbel en mediteer.
  2. Dankgebed! Wees God dankbaar voor iedere dag, voor problemen en voor alle gemeenteleden!!
  3. Werk ijverig.

Een gemeente is geen wensdroom van ideale mensen voor leuke ervaringen en fijne belevenissen. Een gemeente is daar waar men naar het levende Woord van God in Jezus Christus wil luisteren. Want allen hebben nodig vermaning, bemoediging, correctie, kortom zegen. Basta. Bonhoeffer publiceert prachtige geschriften uit die tijd, want ze zijn de neerslag van levende ontmoetingen.
In de geschriften van Bonhoeffer staan geen theologische nieuwigheden. Toch raken ze me diep in het hart, want ze zijn de neerslag van een steeds opnieuw zoeken van de levende ontmoeting met Jezus Christus, het woord van de God van Mozes en de profeten, in het midden van de gemeente. (Of onder dwang in de gevangenis als hij alleen is, verschijnt na de oorlog Widerstand und Ergebung). Ja, steeds duiken in onszelf of in deze wereld problemen, angsten, ontwikkelingen op. Bij Bonhoeffer was er angst voor water om zwemmen te leren in zijn kindertijd, later was het de verzoeking om zwart geld weigeren voor de auto-examinator in New York: 5 x moest hij rij-examen doen.  Of als gevangene van de Gestapo bij de keuze blijven van verzet.
Steeds benadrukt B. dat het luisteren van de gemeente naar de Christus als het levende woord van God bij ons onze geest levend maakt, wakker maakt: met vrijheid, met de keuze de werkelijkheid te aanvaarden als opdracht en roeping, om antwoord te geven op de uitdagingen van het moment.
Zo is het verhaal van de visvangst ook te lezen. De vissers vissen zonder vangst, maar na de aanwijzing om toch door te gaan, vissen zij met vangst door het net aan de andere kant – de rechterkant – uit te gooien, 153 grote vissen (153: 1 + 2+3 + etc tot en met 17=153).  We kunnen ons verwonderd afvragen: wie ben je?
Er is een treffende gelijkenis van Bonhoeffer met predikant August Henkels en zijn vriend Werkman in Groningen. In de dertiger jaren komt M. Buber naar Groningen. Hij vertelt van zijn verzameling van de Chassidische vertellingen, die weer verbonden zijn met Mozes en de profeten, met Israel, Zion, Jeruzalem, en voor ons met Jezus. Die vertellingen maken in Henkels zelf een levende geest wakker. Hij blijft bij zijn vrijheid, zijn vriend Werkman eveneens.
Wij vieren 75 jaar bevrijding, wat doet dat ons, hier op deze oude plek…? Wat mij betreft is onze bijdrage als gemeente duidelijk: een ruimte scheppen om te luisteren naar het Levende woord dat van Jezus, en van Mozes en van de profeten. Die ontmoeting kan ons levend en wakker maken, vrjj maken. Zo’n open ruimte nodigt uit tot bewustwording. Die ruimte van het Woord troost, bemoedigt, doet de zonde van de tyrannie en de hoogmoed kennen; en biedt de mogelijkheid tot vergeving, verzoening, ommekeer, liefde, leven, leven in overvloed, en ja eeuwig leven, zodat de angst van de dood ons niet zal overwinnen. Zo gedenken we in dankbaarheid en tot zegen deze namen van Dietrich Bonhoeffer, August Henkels en Hendrik Werkman.

ZONDAG 19 APRIL 2020

Mattheüs 14: 22-31a  Willibrordvertaling 2012

Geliefde tochtgenoten,
Sta je nog ?  Hoe is het met de zeebenen? Houden ze het nog? Heb je nog houvast? Sta je nog wel stevig temidden van al wat waait en woelt om je heen?
Lukt het je nog om overeind te blijven en je een weg te banen ?
“Hoe sterk is de eenzame fietser die kromgebogen over zijn stuur tegen de wind, zichzelf een wegbaant?  “  Dat regeltje, dat komt nogal eens op in mijn gedachten, de laatste weken…
We hebben tegenwind, en we moeten sterk zijn; het gaat allemaal bepaald niet vanzelf.
Ik kan niet meer op de automatische piloot; ik kan niet meer volgens mijn  routines te werk gaan… de vanzelfsprekendheid en het bekende is kwijt waardoor het leven veel intensiever, veel meer bewust op me af komt….herkent u dat? Je moet zelf die weg banen…
Het is heel bijzonder: door de dreiging van het virus zitten we allemaal in het zelfde schuitje, wereldwijd.
Nou ja, eigenlijk mag ik dat helemaal niet zeggen want dat is natuurlijk maar heel gedeeltelijk waar. Die dreiging van het virus: die voelen we allemaal.
Deze week zei een angstige oude man tegen me:” ik heb hard gewerkt; ik heb veel geld bijeengebracht; maar wat heb ik er aan? Mijn gezondheid kan ik niet kopen en mijn vrijheid krijg ik er niet mee terug”.
Maar gedeeltelijk is je bescherming wel degelijk afhankelijk van je positie en je geld: ben je arm of rijk, woon je in een sloppenwijk in Afrika of op het Friese platteland?
Maar toch: we herkennen ons  in het beeld : Het is zwaar weer, de wind is tegen; niet zomaar een beetje, nee: we hebben het flink te verduren: we zitten in een wankele positie, we zijn losgeraakt van het vertrouwde, hoe langer het duurt hoe verder we af komen van  de vaste wal , die de stevigheid  in ons bestaan was.
Tjonge, we waren ons dat nooit zo bewust, hoe fijn het is om vaste grond onder de voeten te hebben. Wat een rust geeft dat. Ja, bootje varen is leuk, hartstikke leuk, maar je wilt graag weten wanneer je weer aan wal kunt. Enne; hoe is het daar , aan die overkant? Hoe ziet het leven er straks voor ons uit?
We voelen ons door alle onbekendheid met deze situatie, door alle onzekerheid over de toekomst, heen en weer geslingerd als in een bootje in de storm, overal opzwepende golven en door het donker van de nacht zien we niet eens of de kust, de vaste wal waar we zo naar verlangen,  al in zicht is: Want:
Lukt het me, vrij te blijven van besmetting?
En áls ik besmet raak: hoe zal ik dat doorstaan?
Hoe lang moet ik nog dat thuisonderwijs en mijn eigen werk combineren?
Hoe gaat het straks met die nieuwe opleiding; welke moet ik nou kiezen, open dagen waren er niet…
Zal mijn baas het hoofd boven water weten te houden?
Wanneer mag ik eindelijk mijn partner in het verpleeghuis weer bezoeken? En als dat dan mag: oh, hoe zal dat toch zijn?
Zal mijn conditie nog goed genoeg zijn om die operatie te kunnen ondergaan?
Zal er grote sociale onrust uitbreken onder de armen voor wie geen vangnet is? Of is het alleen de vraag: wanneer gebeurt dat?
Gaan we terug naar hoe het was of is dit de tijd van vernieuwingen?
Is dit het begin van de eindtijd zoals aangekondigd in de Bijbel?
Vragen, vragen , vragen….
Zo onvoorspelbaar is het leven nu; en dat jaagt ons angst aan.
Het spookt om ons heen.
We zoeken houvast… Hoe weerbaar zijn wij?

Jezus had zich net gesterkt aan de ontmoeting met Zijn Vader. Daar op de berg,  alleen, in de stilte: alleen Hij met Zijn God. Om gevoed te worden. Om nieuwe kracht te krijgen en nieuw vertrouwen.
Vanuit die kracht , vanuit het vaste vertrouwen op de Liefde van God die niet loslaat, kon Jezus zich verheffen boven het woelen en waaien van al wat het leven brengt; Hij wist zich gedragen, gedragen  door de Liefde.
Zo kon Hij de angst te boven komen en boven  de macht van het kwaad Zijn leerlingen in Liefde tegemoet gaan om hen nabij te zijn en toe te roepen: Ik ben het, Ik ben erbij, ook in deze storm. Wees niet bang.
Vanuit die kracht , die verbondenheid, dat geloof en vertrouwen kon Petrus Jezus navolgen.
Doelgericht,  vol van hoop en vertrouwen kon ook hij boven de chaos en de onrust, de onzekerheid en de vragen uit, zich een weg banen; verbonden met de bron van Liefde, verbonden met Jezus op wie hij zijn blik gericht hield.
Tot hij zich liet imponeren door de kracht van de wind en de golven.

Wat zegt dit verhaal ons nu eigenlijk over “weerbaarheid”?
Petrus laat ons zien, hoe krachtig wij kunnen zijn.
Petrus weet heel goed wat hij wil: zijn doel is duidelijk: Heer, zeg me wat ik doen  moet… hij stelt zich dienstbaar op, zo kan  hij dingen doen die hij zelf misschien nooit voor mogelijk had gehouden. Zo kan hij boven zichzelf uitstijgen.
En vol van vertrouwen gaat hij dan ook, als de Heer het hem  zegt.
Weerbaarheid heeft alles te maken  met vertrouwen: vertrouwen om het te wagen.
Vertrouwen om te doen wat gedaan moet worden; vertrouwen dat je de kracht krijgt.
De kracht :
– om de ene keer misschien wel heel heldhaftig stappen te zetten; ondernemend te zijn, in actie te komen
– om een andere keer misschien juist heel geduldig, afwachtend, volhardend te zijn.
De kracht om dingen te verdragen;
De kracht om een ommekeer te maken – dingen heel anders aan te pakken, om daar het lef voor te hebben.
De kracht om met gevaar voor eigen leven bruisend van energie en trillend van adrenaline in te grijpen.
De kracht om in stilte je medemens nabij te blijven.
De kracht om je verdriet te dragen.
De kracht om bergen met werk te verzetten misschien wel voor de dorpsgemeenschap of de kerk.
De kracht om anderen voorrang te geven en  hen te dienen.
De kracht om fouten te durven maken en fouten van jezelf of anderen te kunnen vergeven.
Weerbaarheid vraagt dat je het waagt! Ja , dat je het ook waagt om toch te moeten ontdekken dat je nog niet krachtig genoeg bent.
Weerbaarheid vraagt dat je het waagt om in te zien dat je mét al je geloof, je hoop en je vertrouwen toch een gewoon mensenkind blijft, een mensenkind dat kan struikelen als íe loopt en overweldigd kan worden door de kracht van het kwaad.
Weerbaarheid vraagt  dat je het waagt om dan mild voor je zelf te zijn, je niet groter voor te doen dan je bent, en het durven uitroepen:  Here red me!
Weerbaarheid heeft alles te maken met vertrouwen; vertrouwen om het te wagen: want we weten: altijd is er die uitgestoken hand van God, die je dan  vastgrijpt.
Je kunt niet dieper vallen dan in Gods eigen hand.
Amen.

PASEN 12 APRIL 2020

Gelezen Mattheus 28: 1-10

Wat heeft geloof toch een enorme sterke kracht! Heeft een bepaalde overtuiging of geloof eenmaal in je leven (hoofd, hart , bloed !) – wortel geschoten, dan verdwijnt het niet meer zomaar.  Hoewel de vrouwen: Maria de moeder van Jezus en Maria van Magdala eerst vooral met angst en vrees naar het graf kwamen, schoot overtuiging wortel in hun hart. Nadat zij het lege graf hadden gezien en de stem hadden gehoord wortelde het geloof dat hun rabbi leefde, met een soort verheerlijkt of geestelijk lichaam. Ze melden: Onze rabbi gaat ons voor, hij zal ons zegenen zodat die zegen steeds weer doorgegeven kan worden, en ook wij nu die zegen van Jezus,  die de zegen van Mozes en Aaron is, kunnen ontvangen!
Ieder mens heeft eenzelfde kracht in zijn of haar geest , lichaam en bloed. Nog iedere dag bemerken we de kracht van onze geest en overtuigingen. Nu in de crisis van Corona eigenlijk eens te meer! Wat een bouwwerk hadden we opgebouwd met onze ‘geest’, dat zien we nu een groot deel van dat bouwwerk opeens stil staat : staatsinrichting, rechters, parlement, wetten en regels en procedures, verbeeldingen in musea, wetenschap, muziek en kunst: onze geest in onvoorstelbaar krachtig en creatief! Na de eerste schrik ben ik nu verwonderd. Het bouwwerk groeide maar door: door reizen, door internet, door uitwisseling kunnen meer en meer menselijke geesten samen werken , hele werelden opbouwen – ten goede en ten kwade, okay, maar het kan wel!
Een enkele keer ontmoet ik wel eens iemand wiens Geest verduisterd raakt, vertrouwde patronen niet meer werken, er iets verstikt, of verstopt raakt, vast loopt. Dan voelt iemand alsof de dood komt. Ik ben alle kracht kwijt, ik ben als dood , alsof ik al in mijn graf ben… Een collega overkwam het: met moeite sleepte hij zich uit bed in de ochtend naar een stoel bij de glazen deur met zicht op de tuin. Staren naar de tuin; en als dood aan het begin van avond sleepte hij zich naar zijn bed, sliep tot de volgende ochtend. Zijn vrouw probeerde alles, de kinderen hadden het al opgegeven, gingen hun eigen gang met hun werk en kinderen; een evangelische voorbidder kwam, die kon genezen met gebed, maar de collega bleef staren… Ik ben al dood, zei hij. Bidden heeft geen zin meer.
De Psychiater had medicijnen voorgeschreven, maar die werkten nog niet in op zijn geest: Ik ben nog immer dood …
De huisarts had zelfs in zijn arm een snee gemaakt, bloed kwam eruit. De arts zei: zie je wel: je leeft nog. Toen antwoordde hij , ik moet inderdaad een fout toegeven. Ik dacht dat dode mensen niet bloeden, maar het tegendeel is waar: ook dode mensen kunnen nog bloeden: dokter, u hebt een belangrijke ontdekking gedaan!
Dus, als je gelooft dat je als dood bent; en het heeft wortel geschoten, in je hart en in je bloed, dat verandert niet zomaar… Bij de vrouwen was het precies omgekeerd: Jezus onze rabbi gaat ons voor; De kracht van zijn geest blijft werkzaam! Hij zal ons zegenen met de zegen van Mozes en Aaron die Gods zegen is: de zegen van hun rabbi geven zij door, tot nu toe.
Nu mogen wij Pasen vieren, een bijzonder Pasen: een wereld wijd uniek Pasen. Onze wereld staat grotendeels stil : talloze bouwwerken van onze Geest staan even stil… er is angst en vrees; als het virus mij raakt, wat gaat het met me doen? Er is verdriet om wie sterven…om wie alleen zijn, waarvoor hadden we die bouwwerken ook alweer…?
Tegelijk is er de boodschap van Pasen, die ik met overtuiging en geloof wil bevestigen in navolging van de vrouwen: deze zegen kan de kracht van de menselijke geest vernieuwen. De zegen ervaren we  als een geschenk van God, Is iedere lente weer jong, en fris…Wonderlijk….  Die kracht kan en mag ook ons nu des te meer bemoedigen, vertroosten en hoop geven.
In het vervolg van Mattheus 28 Jezus zou het zelf zo hebben gezegd: aan mij is gegeven (door God) de kracht van de hemel tot de hele aarde. De kracht van van de zegen reikt van de hemelen tot over de hele mensenwereld. Die zegen mogen wij ontvangen , eruit leven, en wellicht aan wie wil doorgeven.
Om op goede wijze te rouwen, om de werkers in de zorg te bemoedigen, om deze tijd te aanvaarden; de uitdagingen aan te gaan.
Er is wel een keuze: of een ontdekking, de wil om te ontvangen om hieruit te leven ; of in angst of boosheid te verzinken…
De vrouwen geven het voorbeeld. Stap voor stap, dag voor dag. Zij tellen vanaf nu dag 1; tot en met dag 50.
Dan in het pinksteren, de dag van de torah, de dag van het vuur van de Geest: om opnieuw te bouwen aan het bouwwerk van Gods inwoning op aarde.
Amen

PALMPASEN 5 APRIL 2020

Het uitgieten van de kostbare nardusmirre over de voeten van Jezus door Maria, zus van Martha en Lazarus, roept een heftig verwijt op bij Judas Iskariot. Zulke kostbare zalfolie had ook verkocht kunnen worden, en aan arme mensen gegeven kunnen worden. Jezus zelf zelf antwoordt dan: in iedere tijd zijn er armen onder jullie; Maar Jezus zelf zelf is niet in iedere tijd aanwezig. Dat doet denken aan een andere Bijbeltekst: er is een tijd voor alles: een tijd van lachen en een tijd van huilen, een tijd van ziekten en een tijd van gezondheid.; tijd van voorspoed en tijd van armoede. Zelf heb ik voor het eerst die plotselinge overgang van rijk naar arm meegemaakt begin jaren zeventig. De vader van een vriend was voor de vakantie nog een geziene en vakbekwame voorman, na de vakantie was hij ontslagen, staarde naar buiten uit het raam van zijn flat; verbijsterd en beroofd van mooi inkomen en identiteit. Tijden wisselen soms heel snel.
Nu ineens is de tijd van de Corona aan gebroken. Die zal een golf van nieuwe armoede verspreiden, plotseling. En armoe kan een aanslag zijn op je menselijke waardigheid.
Daarnaast dus het uitzinnige gebaar van Maria. De fles van de kostbare Nardusmirre stroomt over de voeten van Jezus. Nardus is een platje uit de Himalaya, mirre is een struik in het Midden-Oosten. die een aromatische hars geeft.  Dit intieme gebaar tekent de liefde tussen Jezus en Maria, verwijst naar Hooglied 1:12 waar de geliefden deze geuren herkennen. Tussen geliefden kan een kostbare geur van de zelfde waarde zijn als een paar gedeelde druiven, namelijk een teken van de liefdesband. Echter, vanuit het oogpunt van maatschappelijke rechtvaardigheid kan zoiets dwaas lijken. In onze Corona-tijd gaan ook wij heen en weer. Zijn uit het evenwicht. Enerzijds is er terecht volop aandacht voor de zorg voor wie getroffen worden door dit virus. Wat een aandacht en wat een zorg. Tegelijk zal de vraag opkomen: hoe lang is dit rechtvaardig en verstandig? Ten koste van wat gaat deze ‘lock down?
Soms is er spanning tussen de unieke liefde voor een mens en de vragen van rechtvaardigheid voor armen, vluchtelingen, bedrijven, organisaties.
Het antwoord van Jezus is wat schraal. De tijden verschillen. Nu is de tijd even van alles voor de liefdevolle zorg in ziekenhuizen. Straks wel weer vragen van rechtvaardigheid;
De kostbare zalving verwijst naar de zalving van Aaron door Mozes in Leviticus 8: 11-12. Aaron wordt daarmee dienaar in het heilige , op de liefdevolle plek tussen mensen en God; als het lied der liederen. Zo is er een plaats van liefde, intiem, kostbaar en heilig. De waarde van het leven zelf wordt er ervaren, de heiliging van het leven zelf. Want een samenleving zonder een plaats, en tijd voor de stroom van de liefde wordt koud, hard en wreed.
Echter een samenleving zonder vragen naar sociale gerechtigheid leidt tot een tweedeling van armen en rijken. Dus na de zalving  en vandaaruit mogen ook de vragen van verdeling, van armoe en van sociale rechtvaardigheid worden gesteld. Een opdracht van alle tijden!
Johannes (12) legt de nadruk op voeten en haren. Aan de voeten zitten betekent je laten beïnvloeden. Haren verwijzen wellicht naar een kort zinnetje , zo kort als een haar: bijv naastenliefde. Dit ene zinnetje is als een lijntje dat bergen kan optillen; dat is : hele samenlevingen kan beïnvloeden en veranderen. We zijn op weg naar Pasen, zegt Jezus. Dit gebaar aan mijn voeten en haar haren, zal veel mogen beïnvloeden, ten goede.
Zo kan ook onze Corona-tijd, met alle inzet voor het mensenleven, van waarde worden: de waarde en de heiliging van het leven zichtbaar maken.

ZONDAG 29 MAART 2020

In de afgelopen twee weken heb ik vele mensen gebeld. Even vragen hoe het gaat. Of u het redt. Wat u doet om het te redden in deze uitzonderlijke weken. Velen zijn nuchter en redden het tot nu toe heel goed. Opvallend was bijna allemaal beginnen betekenis te geven aan de gebeurtenissen. Dezelfde betekenis. Ik heb geen directe telefoonlijn met god, dus ik weet het niet beter dan wie dan ook. Maar zeer velen zeggen; een virus van 1 miljoenste centimeter zet het hele globale wereldbouwwerk van mensen stil: dit bouwwerk hebben we nodig om samen te werken, maar opeens herinneren we ons weer: wij hebben niet de controle!, wij hebben niet alle macht in de kosmos of op aarde of over het leven!
Zelf vind ik het opvallend dat alle kerken, moskeeën, synagogen, feestruimtes, vergaderzalen, praktisch alle universiteiten , hogescholen en universiteiten gesloten zijn . Zelfs kerken waar al 800 jaar zondag aan zondag eredienst was, zijn nu weken dicht!!
Kerken: wedstrijd in leukigheid. Moskeeën machtsvertoon; bij mekka is nu het grootste winkelcentrum gereed gekomen…; Synagogen kunnen zo twistziek zijn wie het goed doet;
Scholen universiteiten: machtsspel van managers… aantallen en Cito-gemiddelden…
Vraag: de aloude vraag opnieuw als we straks weer samenkomen: God dienen, en mens en schepping….?
Dat brengt me bij de derde vraag: beseffen we de waarde van het leven zelf? Van je eigen leven, de dag van leven, je leven is per dag…/Lazarus is doodziek, en zijn zus Martha rent verontrust heen en weer… verwijten, angstig of boos: had Jezus niet eerder kunnen komen? Zus Maria zit stil, maar heeft ook de vraag: had het niet anders gekund? Begrijpelijk, want in een crisis versmalt het leven, alle aandacht wordt opgeëist door dit ene: stikstof? CO2? Vluchtelingen? De boeren?
Jezus komt en zegt : ik zal een werk Gods laten zien. Zoals bij Maria en Martha, ja, er is nu nood, stress en vragen, vernauwing van het leven en het perspectief en van van het uitzicht. Maar er komt ook een nieuw uitzicht, perspectief . Let op wat wel nu zichtbaar wordt…
Bemoedigen en troosten is de opdracht voor plaatsen zoals deze:  enerzijds de nood aanvaarden en eraan werken, en tegelijk  vanuit plaatsen als dit, een huis van God laten horen : een nieuw uitzicht er komt een nieuw besef van leven, een opstanding van leven.
Blijf vertrouwen houden, houd goede moed, laat niet angst of paniek over ons komen! Die zijn nog gevaarlijker dan het virus!
Heb je een paardenbloem in het gras, bloesem van de amandelboom  gezien? De vogels horen zingen?
De energie tijd voor kinderen zelf?
Bereid je voor op Pasen!
Tot slot : uitzicht en hoop troost zijn afhankelijk van vertrouwen:

  1. Ben ik Pasen – teken van nieuw uitzicht – wel waard? Waardeer ik mijn dag van leven?
  2. Vertrouw ik daarom dat de stem in de stilte, van God ook tot mij spreekt nu?

Barmhartig is

ZONDAG 22 MAART 2020

De ontwikkelingen volgen zich snel op in deze tijd van de corona-crisis. Sinds iets meer dan een week geldt het devies: om thuis te blijven, en buiten afstand te bewaren.
Dit devies komt ook tenminste tweemaal in de bijbel voor, ook in tijden van plagen. Ga mijn volk in uw huizen en doe de deur dicht; Houd u de tijd van de plaag rustig, totdat die voorbij gaat. (Jesaja 26: 20, Exodus en bij Noach in de ark).
Vanaf maandag gold dit ook voor de schoolgaande kinderen. De keukentafel werd leslokaal, en de woonkamer speelplaats. Mem en heit (vader en moeder) zijn veelal thuis en moeten daar een weg vinden. Een aantal kinderen ontving namens onze gemeente een bouwplaat en een dvd met een bijbelfilm. Om samen te maken, om samen te kijken. Vooral om het samen te redden.
Net als Noach maken nu families van hun huis een ark: zorg goed voor jezelf en voor de kinderen, voor wie aan je zijn toevertrouwd. Dit model van Noach passen Mozes en Jesaja toe in hun eigen tijd. En nu wij, dat is de beste aanpak, zoals het nu lijkt.
Sinds afgelopen vrijdag is het thuis-blijf devies uitgebreid naar verpleeghuizen, ziekenhuizen: blijf op je plaats. Behalve in geval van stervensnood: dan mogen kinderen en ouders elkaar bezoeken, om de balans op te maken, om afscheid te nemen, om de waarde van het geleefde leven zelf te ervaren. Dat is nu de keerzijde van de crisis: we kunnen ontdekken de waarde van het leven zelf… los van alle gereis, van werken en van wat al niet. In het lied van Jesaja 26 staan soms tegengestelde ervaringen:
vers 14 : de schimmen van de dood kennen geen opstanding;
vers 19: uw doden, Heer , zullen leven vinden; dat is kennelijk de waarde van het leven vinden. Het is allebei waar: kwetsbaarheid, ziekte en eindigheid schudden ons heen en weer: iedereen is er nu mee bezig; wat een gedoe ineens! Tegelijk de een in stilte en de ander in de drukte thuis maar beiden kunnen de waarde van het leven beseffen. En Jezus zegent deze inzet! Hij zegent de kinderen, maar vast ook de ouders, die weer kind waren van hun ouders. Daar is zegen, opstanding uit de dood.
Sommigen gaan veel verder: deze crisis is een straf van moeder natuur of van God of iets anders… Dat is mij nog te snel, te groots..
Laten we eerst zoeken naar zegen, naar bemoediging: Zoals Jezus de kinderen, de ouders en de grootouders zegent; of het nu is in de stilte van ouderen of in de drukte van een gezin: weet je gezegend in de vraag wat belangrijk is.
In vele kerken, synagogen, moskeeën en op andere plaatsen staan voorgangers stil bij de vraag naar moed, troost en zegen voor ons allen, Dat alleen al geeft moed.
Daarom willen wij ook vanaf deze plaats zegen zoeken: Medeleven en gebed voor wie werken in de zorg, voor wie ziek zijn, familie van overledenen;
En voorbede voor wie ons regeren om beslissingen te nemen.